maandag 16 augustus 2010
Helaas...
Helaas is tijdens mijn verblijf in Laos mijn Ipod van me ontnomen. Vele verhalen, notities, contactgegevens en blogs zijn dus niet meer. Hierdoor heb ik besloten voorlopig op te houden met mijn blog, en als ik Terug in NL ben (8 Dagen!!!!) is er een kans dat ik de3 rest afmaak. Zorry voor het uitblijven van verdere posts, en bedankt voor jullie support!
Rik
zaterdag 22 mei 2010
Iran, deel 2; Efsahan en Shiraz
Als eerst wil ik nog even wat vertellen over mijn eerste ontbijt in
Iran, wat erg memorabel en uniek was. Helaas was ik het vergeten te
schrijven in mijn vorige post, dus kan je dit als een soort PS
beschouwen;
Ik werd dus wakker in het huis van een vriend van Naser, nadat we een
avond diep in het glas hadden gekeken. Ze wilden me meenemen voor een
traditioneel ontbijtje, typisch Iraans. Nieuwschierig naar nieuwe
ervaringen wilde ik maar al te graag mee, en met een taxi gingen we
richting een traditioneel restaurantje. Daar kregen we vooraf een
schapensoep, waar je gescheurd brood in moest dopen, en je zo een weg
te banen door het gerecht. Ik was niet erg onder de indruk van de
smaak, om eerlijk te zijn deed het me een beetje aan een stal denken.
Hierna kregen we een bord, met verschillende delen van een schaap; een
hoef, tong en hersens. Met lange tanden at ik het gerecht, waarna ik
even moest bijkomen van de ervaring. Eens en nooit meer, nam ik mezelf
voor. Fijn om bekend te worden met Iraanse cultuur en gerechten, maar
ik houd het lekker bij een stukje kip of een burgertje.
Nu verder met deel 2 van Iran:
Ik nam rond een uur of 10 's avonds op een dag waarvan ik de datum
niet meer kan achterhalen de bus van Tehran naar Esfahan. Het was een
erg goedkope bus, 65.000 Rials, wat ongeveer 4,5€ was. In de bus
kreeg iedereen een pakketje met wat te drinken, een stuk cake en een
pak koekjes. Verder was er volop water en thee, dus dat alleen al was
het geld waard. In de bus leerde ik een lerel kennen, Muhammed, 28
jaar jong en student bedrijfskunde aan een universiteit ergens in the
middle of nowhere. Hij sprak niet veel engels, maar genoeg om een
redelijk gesprek te kunnen voeren. Hij reisde samen met 3
medestudenten naar het dorp waar hij woonde en studeerde, en ik heb
bij god geen idee hoe het dorp heette. Hij nodigde me uit om de nacht
met hem en zijn vrienden door te brengen, en aangezien ik redelijk wat
tijd en eindeloze vrijheid had, ging ik op zijn uitnodiging in.
Rond een uur of 2 's nachts kwamen we aan in een klein stadje, waar
Muhammed en zijn vrienden werden opgewacht door een andere vriend met
een auto. De heren waren zeer geinterresseerd in mijn reisverleden en
toekomst, en vervolgens werd ik tot 'Jules Verne II' gedoopt. Het
spreken met Muhammed en de anderen was best leuk, aangezien ze engels
perfect begrepen, maar zeer matig spraken.
Na een half uur over verlaten en kapotte landweggetjes gereden te
hebben, kwamen we aan in het dorp waar Muhammed woonde. Bij zijn huis
aangekomen dronken we nog wat Chai, waarna we de bedden uitrolden en
in slaap vielen. De volgende dag, of nauja, een paar uur later werden
we wakker, en na een gezond eier-ontbijt rookten we een lekkere mint
waterpijp. Hierna gingen Muhammed en ik op pad om de omgeving en
natuur om het dorp te bekijken. Werkelijk prachtig. Helaas was de
batterij van mijn camera leeg, dus heb ik het niet kunnen vereeuwigen.
Na de natuur-tocht moest Muhammed naar de universiteit, en ik besloot
met hem mee te gaan. Daar aangekomen bkeek ik de eerste Europeaan te
zijn die ooit in de universiteit was geweest, en de studenten en
docenten wilden allemaal met me praten en mijn hand schudden. Hierna
gingen we naar de les van Muhammed, die jammer genoeg in het Farsi
gegeven werd. Ik begreep dus niets van de les, maar dat maakte het
niet minder leuk om er aanwezig te zijn. Dat was mijn eerste les sinds
ongeveer een jaar, en een leuke les om bij te wonen. Na de les gingen
Muhammed en ik naar de cafetaria van de universiteit om te lunchen.
simpel gerecht; droge rijst met kip en gebakken tomaat.
Hierna kreeg ik van een andere vriend van Muhammed een lift naar
Esfahan. Onderweg zijn we verschillende malen gestopt om de sights, en
met name bergen, te fotograferen. Onderweg nog een sandwich en een
fanta gescoord, warna we in een stad vlak voor Esfahan afscheid namen.
Hierna ging ik met de taxi het laatste stuk alleen door, en werd in de
stad bij een hostel gedropt. Daar boekte ik een bed, of bete gezegd
een plaats op de grond, om de nacht door te brengen.
In het hostel leerde ik een stel kennen; een jongen uit Sarajevo,
Bosnie en een meid uit Italie. Ik zat lekker met ze te praten, en was
blij mensen met de zelfde mentality en doelstellingen tegen te komen.
En net toen ik dacht dat het niet beter kon, kwam er nog een kerel bij
zitten, Omar. En guess what; een hollander!! Ik was zo blij eindelijk
weer eens nederlands te kunnen spreken. Hij kwam uit Amsterdam en was
op weg naar Turkmenistan. 31 jaar oud en al redelijk lang onderweg.
Hierna werd ons gezelschap verrijkt met een Duitser die fietsend door
Iran trok. Vlak na hem kwam er nóg een reiziger bij; Sam uit London,
die op zijn motor vanuit Engeland naar Nepal reisde. We hebben tot
diep in de nacht zitten praten, waarna ik mijn tapijt op zocht om
lekker te slapen.
De volgende dag ontmoette ik mijn host, Reza, die ik via couchsurfing
had leren kennen. Samen met Sam en Reva maakten we een korte tour door
Esfahan, waarbij we de 'main Square' bezochten. Reza moest naar de
universiteit voor een les Duits, en Sam en ik gingen de Bazaar om de
main Square verkennen.
Na een uur of twee gingen Sam en ik een waterpijp roken in een
theehuis met uitzicht op de main Square. Na een minuut of tien kwam er
een Iranier met een toerist binnen gelopen, en aan zijn uiterlijk te
zien, weer een Hollander! Zijn naam was Rob, uit Breda. Ook al een
lange tijd onderweg, en al veel gezien. We dronken nog een kop thee,
rookten nog een waterpijp en toen gingen Sam, Reza, die net terug
gekomen was, en ik terug naar het hostel. Met z'n 3en op de brommer,
Iranian style.
Terug gekomen bij het hostel namen we afscheid van Sam, ik pakte mijn
spullen en vertrok naar Reza's huis. Daar dropte ik mijn spullen,
waarna we nog een tour door Esfahan maakte. Daar bezochten we een
gigantische moskee, en 2 byzondere bruggen. Erg mooi en indrukwekkend,
en erg moeilijk te beschrijven. Je zult dus gedult moeten hebben tot
ik de foto's op Facebook geupload heb.
Na de tour gingen we weer en waterpijp roken, en daarna op bezoek bij
een van de vrienden van Reza, die net terug was gekomen van zijn
militaire dienst in Tehran. Daar bleven we de hele avond thee drinken
en kaarten, waarna we besloten daar te blijven slapen.
De volgende ochtend een heerlijk ontbijtje gehad, waarna we met de
auto naar een winkeltje van een gemeenschappelijke vriend van de heren
gingen. Daar verliet Reza ons weer; hij moest weer naar de
universiteit voor een les Islam-Interpretatie. De eigenaar van de
winkel was bezig met een studie engels, waar hij net 3 maanden mee
bezig was. Het was voor hem dus eeb goede oefening om met mij te
spreken. We aten in de winkel een lunch, waarna hij ons aanbood om een
Opiumpijp te roken. Twijfelend nam ik het aanbod aan, en we vertrokken
naar zijn huis. Daar hadden ze een speciale kit om het te roken, zoals
je later op de foto's kan zien. Opium is een soort pijnstiller. Het
lijkt op Hasj, maar is lang niet zo effectief. Je werd er een beetje
wazig van, en het was niet echt speciaal. Hoe dan ook was het een
toffe ervaring, waarbij ik 4 andere Iraanse mannen zonder enige kennis
van de Iraanse taal heb leren kennen.
Hierna gingen we terug naar Reza, die net klaar was met zijn les. We
zaten en spraken nog wat in het winkeltje, waarna we naar Reza's huis
vertrokken om te eten. Daar had zijn moeder heerlijke inheemse
gerechten gekookt; vooraf een soep, geen idee wat het was, maar erg
lekker, een Iraanse vorm van spaghetti en een Iraans gerecht met
rijst, kip en groente. Na mijn buik rond gegeten te hebben, vetrokken
we naar de stad om een potje te Biljarten. Daar ontmoetten we een
vriend van Reza, en speelden Iran-Nederland (Nederland schopte kont
(lees: kicked ass)). Nog een waterpijp, kopje thee, en Terug naar
Reza's huis om mijn tas op te halen.
Diezelfde avond vertrok ik om 23:00 uur voor 4 euro naar Shiraz, waar
2 dagen later mijn vlucht richting India vandaan zou vertrekken. In de
bus, zoals gewend, kreek ik een survivalpakketje met koekjes, cake en
genoeg thee voor de reis. Eindelijk weer alleen, tijd voor mezelf. Het
nadeel aan couchsurfing is dat als je het regelmatig gebruikt, je
vrijwel nooit alleen bent. Daarnaast leer je de mensen maar een dag of
2 kennen, soms is dat meer dan genoeg, soms heb je iemand net
oppervlakkig leren kennen, maar dan ga je weer. Ik had ook besloten om
de laatste 2 dagen in een hostel te slapen, zodat ik lekker mijn eigen
ding kon doen.
De volgende ochtend kwam ik om half 7 aan in Shiraz. Geen idee waar ik
heen moest, waar het hostel was of waar het centrum lag. Ik besloot
een tijdje achter een kerel aan te lopen, wat zijn vruchten bleek af
te werpen. Na een klein half uurtje veranderde het straatbeeld
langzaam richting een urban-area, en niet lang daarna zag ik het fort
dat het centrum van Shiraz defineerd. Hier liep ik een tijdje rond,
vroeg aan verschillende mensen of ze wisten waar ik het hostel kon
vinden. Helaas, geen succes. Dan maar een goedkoop hotel. Voor 200.000
Rial kon ik 2 nachten in een hotelletje vlak bij het centrum
bivakeren. De kamer was redelijk, balkon en ventilator, dus ik kwam
daar mijn laatste dagen wel door. Ik deed een dutje, en ging rond 12
uur de stad weer in.
Dat was het meest vervelende bezoek aan Iran. Iedereen probeerde me te
verleiden; jong en oud, man en vrouw. Varierend van kusgeluidjes en
spastische wenkbrouwen tot het beetgrijpen van mijn hand. En dat
gebeurde erg vaak, waardoor het niet lang duurde tot ik besloot me in
het hotel schuil te houden tot ik mijn vlucht naar New Delhi moest
nemen.
Die 2 dagen ging ik alleen naar buiten als het noodzakelijk was;
flesje water, eten, cola of peuken. Gelukkig was er een winkeltje die
al bovenstaande verkocht vlak bij het hotel, dus hoefde ik maar een
paar versiertrucs per keer te ontwijken.
Op een gegven moment liep ik nar een snackbar om een pizza te
bestellen, toen ik plots mijn naam hoorde roepen. Ik draaide me om, en
daar stond Sam, de motormuis uit London. Verbaasd en erg blij dat ik
niet de enige tourist was in Shiraz, groette ik hem en nodigde hem uit
een (alcoholvrij) biertje te drinken. Na een paar uur gesproken te
hebben, en fictief dronken te zijn, besloot ik terug te gaan naar het
hotel. De volgende dag vertrok mijn vlucht om 15:20, en ik wilde nog
even lekker slapen voor ik vertrok.
Rond 9 uur 's ochtends pakte ik een taxi richting het vliegveld. Daar
kwam ik er achter dat er geen incheckbalies waren, en ik mijn
boardingpass zelf had moeten printen. Gelukkig had ik hem wel bij me
op mijn ipod, maar geen pc om hem te printen. Gelukkig was er een
kerel met een behoorlijke functie op het vliegveld, de me maar al te
graag wilde helpen. Samen met hem en een bveiliger gingen we naar de
verkeerstoren om mijn pass te printen. Daar dronken we nog een paar
emmers chai, waarna ik terug ging naar de terminal. Gelukkig hadden ze
WiFi, dus kon ik surfen, gamen en chatten met huis.
Een paar uur later kwam de kerel die me had geholpen met printen
terug, en loodste me door de security, bagage check-in en de
paspoortcontrole. Na een bedankje kocht ik van mijn laatste Rials een
cola en chocoladereep, en wachtte het laatste half uur op de bus naar
het vliegtuig.
Na een kleine 2 uur vliegen kwam ik in Sharjah, in de Verenigde
Arabische Emiraten. Daar moest ik 7 uur wachten op mijn vervolgvlucht.
Ik scoorde eerst een heerlijke meal bij de Mac, had er al in tijden
niet meer gegeten. Erg bevredigend, en doet me altijd aan thuis
denken. Niet dat ik er in NL zo vaak naar toe ging, maar overal ter
wereld heeft de Mac dezelfde uitstraling. Daarnaast is het gewoon
lekker, ongezond en goedkoop. 3 punten waar de meeste studenten voor
vallen.
Hierna liep ik naar de 'Transfer' Balie, om mijn nieuwe boardingpass
aan te vragen. Daar kreeg ik het aanbod om voor 100 Dinars, 20€, in
de VIP loumge ye verblijven; gratis eten, drinken en internet. Ik
besloot mezelf te verwennen en had een mooie accomodatie om op mijn
vlucht te wachten.
Om 23:15 vertrok mijn vlucht van Sharja, waarna ik in een uur of 4
naar Delhi vloog. Wat daar allemaal mijn pad kruiste, kan je de
volgende keer lezen!
Groeten,
Rik
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
vrijdag 14 mei 2010
Iran; Tabriz en Tehran.
In de avond van 3 mei had ik rond een uur of 9 de grens van Iran
gepasseerd. Net over de grens kwam er een kerel naar me toe, die vroeg
of ik wat geld wilde wisselen. Ik vroeg hem om zijn exchange-rate, wat
voordelig bleek te zijn. Ik wisselde 100€ voor 1.300.000 Iraanse
Rials, of ookwel 130.000 Toman. Dat Rial en Toman was wel even wennen,
want soms denk je dat je een goede deal hebt, blijkt het ineens 10x
zoveel te zijn.
Nadat ik geld gewisseld had, kwamen er twee turkse mannen naar me toe,
die vroegen of ik naar Tabriz moest. Ik bevestigde, en ze boden aan
een taxi te delen. Ondanks mijn vorige ervaring met de taxi in
Bulgarije (zie: Bukarest en Sofia), besloot ik met de heren mee te
gaan. Voor 13.000 Toman was ik in 3 uur in Tabriz, waar ik opgewacht
werd door mijn host die ik online via couchsurfing ontmoed had.
Onderweg raakte ik met de Turkse heren aan de praat, welke erg aardig
bleken te zijn. De een was een leraar in Azerbaijan, en dus op
doorreis, de ander woonachtig in Tabriz. Onderweg trakteerden ze me op
een colaatje, waarna we doorreden naar Tabriz.
Toen ik om 1 uur 's ochtends aankwam in Tabriz, belde ik mijn host of
hij me kon komen ophalen. Een kleine 10 minuten later kwam Naser, mijn
host, aan met de taxi. Hij laadde mijn tas in de taxi, en we
vertrokken naar een huis van een vriend van hem. Daar werd ik als een
koning ontvangen, eten en drinken, zowel legaal als illegaal, werd
voor me uit de kast getrokken, en onder het genot van een waterpijp
maakten we een fles Whisky en Vodka soldaat.
In Iran is alcohol bezit en uiteraard gebruik streng verboden, vanwege
de Islamitische overheid. Daarnaast is vrijwel alles wat de mens
plezier brengt verboden: bepaalde muzieksoorten als hip-hop en rap,
films met amerikaanse invloeden, pornofilms of blaadjes, kleding die
het lichaam niet helemaal bedekken en vrouwen moeten hun haar
bedekken, en mogen niet uitdagend gekleed zijn. Verder mogen de dames
kiezen uit verschillende hoofddoeken; De boerka, die zoals bekend het
hele lichaam behalve de ogen bedekken, een variant hiervan waarbij het
gezicht nog zichtbaar is, of de variant die het meeste voorkomt in
nederland, waarbij alleen het haar (grotendeels) bedekt wordt.
Dronken als een tor viel ik in een diepe slaap, waarna ik pas rond het
middaguur weer ontwaakte. Naser had een plan voor me gemaakt, om
belangrijke dingen in en om Tabriz te zien. We pakten eerst de taxi
naar zijn huis, in een stad iets buiten Tabriz. Daar dropte ik mijn
spullen, en hierna pakten we een Taxi naar een dorp ongeveer een 35
kilometer verderop. Hier waren de huizen waar de mensen nog in
woonden, uitgehouwd uit een berg. Na een paar foto's gemaakt te hebben
van en in de huizen, liepen we naar een restaurantje waar we kebap
bestelden. Heerlijk. Alles wordt hier gegeten met brood dat op een
pannekoek lijkt, een beetje taai is, maar goed smaakt met alles. Na de
eerste portie bestelden we nog een tweede, waarna we weer op pad gingen.
We kwamen langs een groep kerels, die een straatvariant van golf
speelden. Een gebogen stokje werd op de grond gelegd, waarna er met
een lange stok op een van de uiteindes geslagen werd. Terwijl het
stokje in de lucht was, moest de slagman het stokje nog een keer
raken, en hem zo ver mogenlijk weg slaan.
Na dit een paar minuten bekeken te hebben, gingen we terug naar Nasers
huis. Daar gebruikte ik zijn computer om
Mijn mail te checken, toen ik met de muis op zijn favorieten terecht
kwam. Daar kwam een lijst uit tevoorschijn, die vol stond met gay-
websites. En nu wil ik dat iedereen weet dat ik absoluut niets tegen
homo's heb, maar als ze nadat ik ze verteld heb dat ik alleen op
vrouwen val, nogsteeds aan me zitten, gaan ze te ver. Ik voelde me
vanaf dat moment erg ongemakkelijk in zijn bijzijn, maar helaas was
het al te laat in de avond om er nog vandaan te vertekken. Ik besloot
in een andere kamer dan hij te gaan slapen, en ben direct na het
internet naar bed gegaan.
De volgende dag ging het verhaal weer verder; in de taxi zijn arm om
mijn schouder, en hij probeerde zijn been telkens tegen de mijne te
drukken. Wel honderd keer heb ik een massage van hem af moeten slaan,
en hij heeft me vele malen verteld hoe knap ik was, en hoe mooi mijn
ogen waren. Op dat moment wist ik nog niet wat de Iraanse standaard
was; misschien was het wel deel van hun cultuur, en om te voorkomen
dat ik hem daarmee beledigde, heb ik mijn mond hierover gehouden. In
plaats daarvan besloot ik die dag nog te vertrekken, en de trein
richting Tehran te pakken.
Ik ging met Naser naar het treinsation, waar ik met hem naar de kassa
liep. Daar vroeg hij op een kaartje, in Farsi (de taal die ze in Iran
spreken), en hij kreeg een antwoord in farsi terug. Hij zei me dat er
die dag geen treinen meer waren, waarop de vrouw achter de kassa in
het engels vertelde dat er nog wél een trein was. Naser werd rood, en
kwam met de smoes dat hij haar niet goed verstaan had. De trein was
aan de prijzige kant, 20.000 Toman, maar dt had ik er graag voor over
om weg te kunnen uit Tabriz. De trein zou 2 uur later vertrekken, en
ik vertelde Maser dat ik naar een internetcafe moest om te Skypen.
We gingen op pad naar het internetcafe, waar ik alle tijd doodde met
skype. Ik had geen zin om met hem nog langer door de stad te lopen,
dus blee bezig achter de pc. Toen het nog een half uurtje was voor
mijn trein vertrok, vertelde Naser dat we moesten gaan. Ik sloot skype
af, en vertrok richtin de taxi om ons naar het station te brengen. Op
het station nam ik snel afscheid van Naser. Stevige hand, de groeten
en ik vertrok. Begrijp me niet verkeerd, Naser was een aardige kerel,
alleen moet je van de herenliefde zijn om het te kunnen waarderen.
In de trein kregen we een dienblad met een kop thee, een pakje sap,
koekjes en een fles water. Mooi inbegrepen dus. Ik deelde de coupe met
2 oudere heren, en een meid van 18, Narges. Geen van hen sprak engels,
dus ik luisterde de hele tijd muziek en schreef wat voor mijn blog. Op
een gegeven moment gaf Narges mij haar telefoon, en ik raakte aan de
praat met haar vriend Steve, een oudere Iraanse man die 30 jaar in de
VS gewoond had. Hij nodigde me uit om bij hem te bivakeren, en sinds
hij vertelde dat Narges zijn vriendin was, accepteerde ik zijn aanbod.
Die avond in de trein sprak ik in gebarentaal met Narges, en kwam
beetje bij beetje achter haar situatie. Ze vertelde dat ze een zus van
20 had, een kleiner broertje van 16 en in haar eerste jaar van de
universiteit zat. Hierna schreef ze wat farsi op een blaadje om later
te laten vertalen, alleen mocht dat niet door Steve gedaan worden.
De volgende ochtend kwamen we om zes uur aan in Tehran. Daar werden we
door Steve opgehaald. Steve was geen middelbare man, maar oud. Hij
wilde zijn leeftijd niet vertellen, maar ik schatte dat hij ergens
begin 70 was. Hij gebruikte het argument dat hij toen hij 17 was zijn
paspoort in de vriezer had gelegd, waardoor het niet ouder geworden
was. Best vermakelijk, hoe hij probeerde onder het beantwoorden van de
vraag uit te komen.
Steve was helemaal gek van dames. Hij was niet echt trouw aan Narges,
wat mij best wel dwars zat. Samen met mij liep hij de hele dag
overstraat, en probeerde van iedere meid haar telefoonnummer te
regelen. Op het begin was het wel leuk, maar na een paar uur was het
wel genoeg geweest. Langzaam maar zeker veranderde het van vermakelijk
naar wanhopig, omdat hij er álles aan deed om een nummer te scoren.
Maarja, ik was zijn host, en ging er dus geen opmerkingen over maken.
Tijdens mijn verblijf in Tehran, had de familie van Steve ter ere van
mij een feestje gehouden. De hele familie van heiden en ver kwamen
naar het huis van een van de ooms van Steve, en alles werd van aan me
gevraagd. Studie, familie, werk, reizen en ga zo maar door. Op een
gegeven moment kwam de oom van Steve met zijn dochter naar me toe. Hij
sprak geen engels, zij een klein beetje. Hij gebaarde dat we samen
moesten gaan praten, en dat deden we dus. Het er op dat de oom haar
wilde uithuwelijken ofzo, want na het gesprek vroeg hij via Steve wat
ik van zijn dochter vond. Beleefd zei ik dat hij een prachtige en
aardige dochter had, waarop hij vroeg of ik nog terug zou komen naar
Iran, want dan zou ik zijn dochter weer kunnen zien. Ik zei dat ik dat
niet zeker wist, aangezien ik nog een lange reis voor de boeg had.
Het was al laat in de avond toen we terug naar Steve's huis gingen. Ik
zou de volgende avond naar Esfahan vertrekken, en had via Couchsurfing
al een nieuwe host gevonden. De volgende dag gingen Steve en ik naar
een paar winkelcentra, en op bezoek bij zijn moeder. Daar kreeg ik een
heerlijke lunch, en de restanten werden ingepakt om tijdens de busreis
van Tehran naar Esfahan te verorberen.
De volgende post is over (de reis naar) Esfahan, en de vervelende kant
van Iran!
Chodafez!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
zondag 9 mei 2010
Istanbul & de reis naar Iran
Vanuit Sofia vertrok ik om kwart over 7 's avonds met de trein
richting Istanbul. Ik zat een klein uurtje op en rond het station te
wachten op de trein, terwijl ik van een lekker Bulgaars biertje en het
mooie weer genoot. Rond een uur of 7 begaf ik me naar de trein, en op
het station kwam ik twee britten tegen. Ze waren met de trein helemaal
uit Londen gekomen, en waren op weg naar hun 'final destination' in
Turkije. Een aardig stel, en goede reisgenoten.
In de trein kocht ik voor 15€ een prive-coupé. Eigen bed, spiegel,
wastafel en privacy. Heerlijk. Ik heb onderweg ervaren dat ik heerlijk
slaap en erg intens droom als ik in de trein slaap. Het was het geld
dus dubbel en dwars waard. Onderweg leerde ik ook nog een duitser
kennen, ook een aardige kerel. Rond de 50 en had al veel van de wereld
gezien. Rond een uur of 9 ging ik te bed, om een uur of 6 later weer
gewekt te worden om Turkije weer binnen te gaan.
Er werd hard op de deur van mijn coupé gebonkt, en ik schok wakker. Ik
opende de deur vanuit mijn bed, en binnen een paar tellen stonden er 4
douane beambten in mijn kabine. Alles werd overhoop gehaald, ze waren
niet erg netjes en zeiden geen woord tegen me. Ik mocht het bed niet
uit, moest blijven liggen terwijl zij op zoek waren naar iets wat mij
in discrediet kon brengen. Helaas voor hen was (ben) ik een brave
backpacker, en zonder resultaat verlieten ze de coupé weer. Een half
uur later was het tijd voor de Turkse beambten om precies de
handelingen van hun Bulgaarse collega's te herhalen. Hierna moesten
alle passagiers naar buiten, om hun paspoort te laten stempelen. Naast
het douane gebouw was een klein duty-free winkeltje, waar ik voor een
tientje een slof peuken kocht. Kon ik weer even mee vooruit. Hierna
weer terug de mand in, om de laatste 2 uur van de reis te volbrengen.
Ik ging weer naar het zelfde hostel waar ik al 2x eerder was geweest,
en had erg veel zin mijn vrienden, die daar werken, weer te zien.
Rond een uur of 6 kwam ik aan in Istanbul, waar ik met een big smile
over straat liep. Voor iemand die voor de 3e keer in Istanbul was,
kende ik de weg behoorlijk goed, en liep direct en zo efficient
mogenlijk naar het hostel. Langs de vissers op de brug naar het
centrum van Istanbul, de stijle heuvel op, door de winkelstaat en aan
het einde naar links.
Daar was het Soho-hostel, en stilletjes opende ik de voordeur. Liep de
trap op naar de receptie annex woonkamer, en zag daar Veli en John, de
eigenaren, slapen. Ik maakte een kop koffie voor de heren, en maakte
ze toen wakker. Ze waren verbaast en blij dat ik terug was, wat mij
erg goed deed. Ik heb een anderhalf uur met ze zitten praten, waarna
ik richting de supermarkt liep om een ontbijtje te halen.
Verder was ik niet heel actief in Istanbul. Ik was voor de derde keer
in de hoofdstad van Turkije, en had niet echt zin om weer te gaan
verkennen. In het hostel leerde ik een Ozzy (australier) en een Deen
kennen, waarmee ik een paar leuke gesprekken gevoerd had. Ik bleef 2
nachten in het hostel, om daarna met de trein naar Iran te vertrekken.
Samen met John zocht ik uit hoe ik het beste met de trein die kant op
kon gaan, aangezien ik een Balkan flexipass met nog 2 dagen geldigheid
had. John vertelde me dat de trein om 7:05 's ochtends vertrok, en 's
avonds rond een uur of 10 aankwam in Kars, een stad op ongeveer 150km
vam de Turks-Iraanse grens.
Om 5 uur in de morgen ging mijn wekker, en ik pakte mijn tas en liep
naar beneden. Daar was het feest nog in volle gang, met bezopen en
motoriek-loze gasten. Ik had nog een laatste gesprek met Veli en John,
waarna ik met een kop koffie richting de pond vertrok. Met de pond
kwam ik voor 2TL direct aan bij het station, wat me anders ruim een
uur en 10TL voor de taxi had gekost. In een kwartiertje was ik op het
station, en zocht daar van welk perron mijn trein vertrok. Ik kocht
nog een broodje, kopje koffie en een flesje water om de dag mee door
te komen.
In de trein maakte ik het mezelf gemakkelijk. Ik had een redelijk
lange reis voor de boeg, dus installeerde me comfortabel. Ik vroeg een
man die een stukje verderop zat om een pen, zodat ik de datum, vertrek
en bestemming op mijn Balkan Flexipass kon schrijven. De man zag dat
ik 'Kars' opschreef, en zei dat ik een lange reis voor de boeg had. Ik
beaamde, en lachend liep ik terug naar mijn stoel. Een kleine 4 uur
later had mijn lichaam een nicotine-dieptepunt bereikt, en ik volgde
mijn neus naar 2 rokende twintigers bij een geopende treindeur. Ik
stak ook een peuk op, en raakte met de heren aan de praat. Ze vroegen
me waar ik heen ging, waarop ik antwoorde dat ik naar Kars ging. Ze
moesten er bijna om lachen, en zeiden dat ik nog lang te gaan had. Ik
zei dat het nog een uurtje of 12 was, waarop ze zeiden dat ik de dag
erna pas in Kars zou aankomen. Shiiiit, in plaats van nog 12 uur te
gaan, had ik nog een 36 uur te gaan! Ik liep terug naar mijn plek om
mijn reisschema even te overdenken.
Ik besloot toch in een keer door te gaan, aangezien ik al redelijk
achter liep op schema. De 40 uur durende treinrit moest ik maar
uitzitten. Hopenlijk hadden ze slaapcoupés in de trein. Toen de
conducteur langs kwam om de kaartjes te controleren, moest hij lachen
om mijn kaartje, brabbelde wat in het Turks en liep weer verder. Ik
liep achter hem aan en stelde in gebarentaal de vraag of er
slaapcoupés waren, maar helaas, alleen een restaurantje.
Om de zoveel tijd kwam er een steward met een karretje met snacks
langs, waar ik mijn laatste Lira's uitgaf aan water en koekjes. Ik had
nog wel euro's, maar ik dacht dat ze die niet konden wisselen in de
trein. Ik probeerde mijn honger dus te negeren, en mijn koekjes en
water te doseren, wat me nog redelijk goed af ging. Maar aan het einde
van de dag had ik zo'n honger dat ik alle koekjes verslond, waarna ik
door de dorst al mijn water op dronk. Toen ik de man met het karretje
weer langs kwam, met wie ik inmiddels al een redelijke relatie had
opgebouwd, een Eurobiljet liet zien, zei hij 'restaurant'. Ik liep
naar het achterste treinstel, waar ze in het restaurant mijn Euro's
konden wisselen. Ik bestelde direct een portie patat en een biertje,
wat me heerlijk smaakte.
De rest van de treinreis probeerde ik vooral slapend door te brengen,
want ik bedacht me dat de tijd zo het snelst voorbij zou gaan. Verder
probeerde ik de grote boodschap ook uit te stellen, want een hurk-
toilet in een schommelende trein is echt een uitdaging. Dat ging me
gelukkig goed af, en man wat was ik blij toen ik in het hotel in Kars
naar het toilet kon.
Voor 10€ had ik een eenpersoonskamer, waar ik de laatste nacht in
turkije doorbracht. Ik kocht een Döner Kebap bij een snackbar om de
hoek, surfte wat op het net, en ging lekker slapen. De volgende dag
vertrok ik rond 11 uur met de bus vanuit Kars naar Igdir, van waar ik
met de Dolmus naar Dogubeyazit, de laatste stad in Turkije, vertrok.
In de Dolmus leerde ik een kerel kennen, die zeer gebrekkig engels
sprak, maar duidelijk goede bedoelingen had. Hij moest voor zaken in
Dogubeyazit zijn, en zou me naar de Dolmus die naar de Iraanse grens
ging brengen.
Zo gezegd, zo gedaan, en ik stapte de laatste Dolmus in Turkije in.
Voor 5 TL werd ik naar de grens gereden, wat ongeveer een half uurtje
duurde. Onderweg sprak ik met Iraanse jongens, deelde peuken met ze en
vertelde ze waar ik vandaan kwam, welke landen ik al had gezien en wat
ik na Iran zou gaan doen. Toen ik aankwam bij de Iraanse grens, stond
er een gigantische rij. Er waren net twee bussen aangekomen, en alle
mensen moesten door hetzelfde poortje. Na ruim 2 uur wachten was ik
eindelijk Turkije uit, en moest daarna nog Iran in. Gelukkig kwam ik
in het niemandsland een Iraanse Soldaat tegen, die me tot vooraan de
rij escorteerde. Binnen een paar minuten nadat ik Turkije had
verlaten, was ik dus in Iran.
Wat ik daar allemaal meemaakte, kan je de volgende keer lezen op mijn
weblog:)
Ciao Amiko's!!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
zaterdag 8 mei 2010
Bukarest en Sofia
Vanuit Sibiu nam ik de nachttrein naar Bukarest, voor degenen die het
niet weten; de hoofdstad van Romenie. Ik kwam er rond 7 uur 's
ochtends aan, en besloot direct informatie te vragen voor de trein
naar Sofia, en een bed in de trein te reserveren. Voor 4 euro was
alles geregeld, en ik scoorde een gezond ontbijtje bij de Mac.
Hierna liep ik naar buiten om de stad te verkennen. Hier kwam een
jongeman op me afgelopen, die vroeg of hij mijn gezelschap mocht zijn.
Ik reageerde daarop met 'als het me geen geld kost', en lachend vroeg
hij me waar ik naartoe moest. Ik vertelde hem dat ik het centrum wilde
verkennen, om 's avonds weer de trein naar Sofia in Bulgarije te pakken.
We liepen een minuut of 20, toen we bij het centrum kwamen. De man
begon me een beetje te irriteren, en vertelde hem dat ik vanaf hier de
stad zelf Ou gaan verkennen, en bedankte hem voor zijn gezelschap.
Hierop vroeg hij me om 10 Lei, voor zijn dienst als guide door de
stad. Ik vertelde hem dat ik van te voren had gevraag of het me geld
zou kosten, maar hij bleef volhouden dat hij er recht op had, gezien
de moeite die hij gedaan had. Ik besloot hem mijn laastse Lei te
geven, ik had nog 3 Lei op zak, waarna hij me boos aankeek. Ik zei dat
ik niets meer had, en bood hem nog ee biertje aan. Hij zei me dat
'omdat hij me aardig vond, hij er geen probleem van zou maken'.
Whatever. Ik draaide me om, en liep terwijl ik zijn opmerkingen
negeerde van hem vandaan.
Ik liep zelf nog een uur of 6 door de stad, waarna ik besloot de rest
van de tijd op het treinstation door te brengen, aangezien ik nog al
moe was. Ik liep een bloemenzaak in om de richting naar het station te
vragen, maar helaas sprak de verkoopster geen engels. Gelukkig, of
nouja, gelukkig.. kwam er een man langs gelopen die wel engels sprak.
Hij zou me de weg wijzen, zo vertelde hij.
We liepen samen een paar honderd meter, en onderweg vertelde hij mij
dt het te gevaarlijk was om via het station van Bukarest te gaan. Er
zouden veel zigeuners zijn, en óf ik kwam er niet ongeschonden
doorheen, óf mijn spullen zouden gejat worden. Hij raadde me aan om
via Giurgiu te gaan, een stad die 50km van Bukarest vandaan lag, aan
de grens met Bulgarije. Dat zou een toeristen station zijn, en vele
malen veiliger voor mij. Hij vertelde me dat ik daar goedkoop met een
taxi naartoe kon, en als de chauffeur hem gratis terug zou rijden naar
het punt waar we in de taxi stapten, zou hij meerijden. De chauffeur
stemde in, en met zijn 3en begonnen we aan de reis naar Giurgiu.
Onderweg vertelde de passagier dat er in Roemenie op dat moment 2
verschillende valuta gebruikt werden. De oude Lei, waarvan 40 Lei
gelijk stond aan 1€. De niewe Lei is de oude lei, alleen dan 10x
kleiner. Dus 4 nieuwe Lei=1€. Ik liet h een biljet van 50 nieuwe Lei
zien, maar vertelde me dat dat de oude Lei was. Hij zei dat de taxirit
ongeveer 1500 oude Lei zou kosten, en vertelde me dat ik niet genoeg
bij me had, en dus moest gaan pinnen.
Ik pinde 1500 Lei, in de veronderstelling dat ik een euro of 35 op zak
had. We reden verder richting Giurgiu, maar onderweg begon ik toch te
twijfelen aan zijn verhaal. Ik belde een vriend in NL (bedankt, Davo),
en vroeg hem in te loggen op mijn online rekening. Hij vertelde me dat
er ruim 330 euro van mijn rekening was afgeschreven toen ik geld
getrokken had. Alright. Mijn voorgevoel werd bevestigd. Vlak na het
telefoongesprek stopte de chauffeur de auto en vertelde dat de meter
de 1500 Lei gepasseerd was, en of ik verder wilde rijden en een
prijsafspraak maken, of daar wilde uitstappen. Ik zei hem dat ik
contact had gehad met iemand in NL, die mijn rekening had nagekeken,
en het nooit 1500 Lei kon zijn. Vanaf dat moment begon de passagier
tegen me te praten, en ik merkte dat de sfeer erg aggressief werd.
Weer zei ik hem dat 1500 lei gelijk stond aan 330 euro, en ik dat niet
zou betalen. De taxichauffeur zei toen dat als ik 1000 Lei zou
betalen, het in orde was. Toen ik weer zei dat het teveel was, begon
hij te dreigen dat er nog 4 auto's aan zouden komen om me een lesje te
leren. Op dat moment werd het me te gevaarlijk, telde 1000 Lei neer en
verliet de taxi. Terwijl ik mijn tas uit de kofferbak haalde, onthield
ik het kenteken van de taxi, B95SSZ, en liep naar het dichtst
bijzijnde hotel. Daar vertelde ik de medewerkster dat ik de politie
nodig had, en ze belde het alarmnummer voor me.
Een minuut of 10 later kwam er een agent binnenlopen, die mijn verhaal
aanhoorde, en me meenam naar de politie van Giurgiu. Daar werd ik door
de korpschef zelf ontvangen, en samen met vrijwel het hele korps
luisterde hij naar mijn verhaal.
Direct daarna kwamen ze met foto's aanzetten, en ik identificeerde de
taxichauffeur op een van de foto's. Verder moest er een hele hoop
papierwerk gedaan worden, en dat nam vrijwel de rest van de dag in
beslag. Dir avond moest ik in een hotel doorbrengen, om de volgende
dag verder te kunnen met de aangifte. Ik werd door een inspecteur naar
het hotel gereden, en onderweg kochten we nog een maaltijd. Hij
vertelde me dat ik de bonnetjes moest bewaren, zodat ik dat kon
declareren mochten de daders gepakt worden.
De volgende dag werd ik om 8 uur 's ochtends opgehaald door dezelfde
inspecteur. Onderweg naar het bureau had hij goed nieuws; via het
kenteken hadden ze de chauffeur kunnen achterhalen, en hij zat nu op
het bureau van Bukarest. We maakten eerst in Giurgiu de aangifte af,
waar een gediplomeerd vertaler bij nodig was, waarna we naar Bukarest
vertrokken. Eerst liet ik ze zien waar ik geld gepind had, waar ik in
de taxi was gestapt en waar ik de passagier ontmoet had. Hierna reden
we naar het politiebureau, waar ik uit vier personen de taxichauffeur
moest aanwijzen. Hij was erg nerveus, zweette zich een ongeluk en keek
me niet aan. Ik moest hem aanwijzen terwijl er een foto gemaakt werd,
waarna de verdachten in een andere volgorde gingen staan en het
verhaal weer van voor af aan begon.
Hierna werd de chauffeur meegenomen naar een verhoorkamer, waar de 2
Inspecteurs die uit Giurgiu waren meegekomen hem aan de tand voelden.
Ze dreigden hem vast te houden als hij niet zou vertellen wie de
passagier was, waarna hij de volle naam, adres en telefoonnummer van
de passagier gaf. Het bleek later een team te zijn, die samen al
meerdere toeristen op deze manier geld afhandig hadden gemaakt.
De passagier werd met een smoes naar het bureau gehaald, waar ik hem
al herkende toen hij aan kwam lopen. Ook hij werd verhoord, en niet
lang daarna bekende hij ook. Weer gebruikten de inspecteurs een list,
om ervoor te zorgen dat ze mij het geld direct in cash terug zouden
betalen. Volgens de imspecteurs zou 'alles in orde komen', als ze mij
het geld zouden terug geven. Dat deden ze, in de veronderstelling dat
ze niet meer vervolgd zouden worden. Helaas voor hun bleef mijn
aanklacht staan, en wachten ze in vrijheid de rechtzaak af, waarin ze
minimaal een stra van 6 maanden tot maximaal 12 jaar cel opgelegd
krijgen.
Dat was dus erg goed nieuws! Ik had mijn cash terug, een paar nieuwe
vrienden erbij, ik was namelijk tijdens het proces veel met de
inspecteurs opgetrokken, en had een onvergetelijke ervaring met een
positief einde om aan mijn weblog toe te voegen.
Ik bleef nog een nacht in Giurgiu, omdat er nog meer papierwerk gedaan
moest worden. Lang leve de Burucratie, zo grapte de korpschef. Rond
het middaguur waren we helemaal klaar met het rapport, en was ik vrij
om te gaan. De korpschef wilde alleen dat wat ik ook ging doen, er een
inspecteur mee zou gaan. Niet omdat ze mij niet vertrouwden, maar
omdat ze het vertrouwen in de Roemenen verloren waren. Ik kreeg dus
een rondleiding van een inspecteur door Giurgiu, waarna we op kosten
van de politie een goede lunch aten. Hierna werd ik naar het station
gebracht, waar ik nog een klein uurtje op de trein moest wachten. Met
mijn balkan flexipass kon ik doorreizen naar Sofia, waar ik de
volgende ochtend rond een uur of 6 zou arriveren.
Na de treinrit van Giurgiu naar Sofia, waar ik voor een extra 10€ een
bed in de trein had, liep ik bepakt en bezakt door de koude naar het
centrum can Sofia. Daar aangekomen wachtte ik voor de Mac tot hij open
ging, om een kop koffie te scoren en gebruik te maken van hun
internet. Rond een uur of 8 liep ik verder het centrum in, waar ik op
een trapje van een gebouw in de opkomende zon in slaap viel.
Een uur of 2 later werd ik weer wakker, al mijn spullen waren er nog,
en ik liep verder door de binnenstad. Ik schoot wat plaatjes, maar
helaas was mijn camera leeg. Net als mijn telefoon, en net als mijn
ipod. Ik ging de Mac dus weer in om al mijn electronische apparaten
weer op te laden. Ik moest die avond om kwart over 7 op het station
zijn, om de trein naar Istanbul te halen. Rond een uur of 6 begaf ik
me richting het station, en doodde de laatste tijd tot de trein
vertrok met mijn ipod.
De volgende keer weer Turkije!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
Hongarije en Roemenie
Ik nam de bus van Krakow in Polen naar Budapest in Hongarije. De reis
duurde een uur of 8, en 's avonds rond een uur of 11 kwam ik aan bij
een bussation net buiten het centrum. Daar zocht ik via een WIFI-Spot
naar een goedkoop hostel, en met de kaart en uitleg hoe er te komen op
mijn ipod ging ik op pad. Eerst geld gepint, daarna op naar de metro.
Het was 5 stations van het station waar ik vandaan kwam, en betaalde
ongeveer 1,30€ voor een kaartje. De aanwijzingen op het internet
waren perfect, en ik liep in een keer naar het hostel.
Daar boekte ik voor 10€ een bed voor een nacht, en ging weer op pad
om wat eten te scoren. Ik vond niet ver van het hostel een chinees
resaurant, waar ik een redelijk smakende maaltijd kocht. Ik liep terug
naar het hostel, waar ik nog even via skype met Holland en Polen
sprak. Daarna een lekkere douche en onder de wol.
De volgende dag stond ik rond een uur of 11 op, en vroeg de
receptionist of hij me kon helpen aan een ticket naar Roemenie, waar
ik een vriend van mijn studie in Sibiu zou ontmoeten. Hij zocht op het
internet, maar kon helaas niets vinden. Hij vertelde me dat ik op het
busstation moest gaan kijken of er misschien is die kant op ging.
Ik besloot dat later op de dag te doen, en eerst Badapest te gaan
verkennen. Ik had een kaart van de receptionist gekregen, en ging
daarmee op expeditie door de stad. Budapest is een prachtige stad.
Dwars door het centrum loopt een rivier, met aan de ene kant het
commerciele gedeelte, en aan de andere kant ouderwetse woningen en een
kasteel bovenop een heuvel. Ik liep via een park dr heuvel op, en
genoot daar van het uitzicht. Ik maakte wat foto's, lag even in de
zon, en besloot toen richting het busstation te gaan.
Daar vroeg ik informatie voor de bus naar Romenie, en de niet-engels
sprekende medewerkster gaf me een A4'tje met daarop de bussen,
bestemmingen en vertrektijden. Ik zocht een bus op die richting Sibiu
ging, maar helaas ging niets door Sibiu. Het station dat het dichtst
bij was was alsnog een 130km van Sibiu vandaan, in Targu Mures. Maar
vanaf daar kon ik we direct met de trein door naar Sibiu. Ik besloot
die bus te nemen, en ging terug naar het hostel om mijn tas op te
halen. Daar sprak ik nog even met de receptionist, en vertrok naar de
bus.
De bus vertrok om 19:00 uur. Ik had een mooi plaatsje weten te
bemachtigen, en maakte het mezelf gemakkelijk. Het was een kleine 10
uur rijden naar Targu Mures, en rond een uur of 11 's avonds zouden we
de grens passeren. Onderweg stopten we een paar keer bij restaurantjes
en tankstations, waar ik mijn laatste hongaarse Forinten opmaakte
(thanks Levi!).
Rond half 5 's ochtends werd ik wakker gemaakt. Ik was de enige die
naar Targu Mures moest, en de rest vande passagiers moesten 50 km zuid
van de stad zijn. Ik moest 30 km van targu mures uitstappen, en de
laatste 30 kilometer op eigen houtje afleggen, aldus de chauffeur.
Ik werd in een gat gedropt. En waren ongeveer 50 huizen, een
supermarkt en een hotel, maar geen pinautomaat. En die had ik wel
nodig om verder naar Targu Mures te komen. Het enige wat ik kon doen
is liften, en begon elke auto een 'thumbs up' te geven. Na ongeveer
een uurtje werd ik opgepikt, en kreeg een rit helemaal naar het
Station van Targu Mures. Daar vroeg ik wat een kaartje naar Sibiu
kostte (9 Lei, zo'n 2,20€), en ging met een taxi naar een
pinautomaat. Daar trok ik wat geld uit de muur, en ging met de taxi
terug naar het station. Ik betaalde de chauffeur, en kocht mijn
kaartje. Ik dronk nog een kop koffie in een cafeetje, en vertrok toen
met de trein naar Sibiu.
Een uur of 3 later kwam ik daar aan, en liep richting het centrum van
de stad. Daar zocht ik naar een internet cafe om een hostel te zoeken,
aangezien mijn vriend Nico met zijn vriendin Annika te gast was bij
zijn oom, en ik daar niet bij kon en wilde zijn. In een cafeetje dronk
ik een kop koffie, en vond het 'flying time' hostel. Voor een 10 euro
per nacht kon ik daar bivakeren.
Ik deed daar een kort dutje, en belde Nico en Annika (Annico) daarna.
Ze haalden me op bij het hostel, en we liepen de stad in om wat
vrienden van Nico te ontmoeten. We dronken koffie en cola, en spraken
over Roemenie en Holland. Met name wat er zo slecht was aan de eerste
en waarom de tweede zo goed was.
Rond een uur of 3 namen we een taxi naar de Kentucky Fried Chicken,
welke een klein kwartierte rijden van de binnenstad lag. Daar
ontmoetten we nog een vriendin van Nico, en met zijn vieren aten we
een giga-bucket. Hierna gingen we terug naar de stad, om een paar
biertjes en wijntjes op een terrasje in het centrum te drinken. Hierna
ging Annico naar het huis van zijn oom, en ik terug naar het hostel.
Hier kwam ik er achter dat de vodka extreem goedkoop was, en maakte
gebruik van de mooie prijs. Een paar vodka's en 3 euro later kwam
Anniko binnen, en samen met hen en een paar vrienden gingen we naar
een discotheek dicht bij het centrum. Daar dronken we nog meer
goedkope Vodka, en straal bezopen liepen we daarna naar een
restaurantje om een pizza te scoren. Onderweg hadden we de grootste
lol met mensen op straat, en op een gegeven moment liep er een meisje
op 10 meter afstand van ons. Ik maakte een Kus-geluidje naar haar,
waarom ze zich omdraaide en me een boze blik gaf. Ik kon het niet
helpen en moest lachen, waarop ze nog bozer werd. Ze liep verder, en
ik schreeuwde: 'hey girl, did you ever spend a night in a hostel with
a dutch guy?' waarop ze 'fuck you' zei. In reactie daarop zei ik
'thats exactly what im trying to acchieve!', waarna het gesprek
eindigde.
Ze ging toevallig naar hetzelfde pand, waar beneden een discotheek en
boven een restaurantje was. We bestelden heerlijke pizza's, die me
weer een beetje nuchter maakte. We hadden onze pizza's op, dronken een
colaatje en tapten een paar zigeuner-onvriendelijke moppen (zigeuners
worden daar als criminelen en slechte mensen gezien). We zaten met
vijf personen aan tafel, toen hetzelfde meisje plots voor het raam
waar we achter zaten stond. Ze wenkte me met haar vinger, en ik
schudde mijn hoofd. Ik was weer wat nuchter geworden, en mijn visie
was weer een stuk beter. Niet lang daarna kwam ze weer het resataurant
binnen, en zei tegen me, voor een redelijk groot publiek, dat ik met
haar mee naar haar huis moest gaan. Ik sloeg beleefd af, waarop ze nog
een keer of 5 vroeg of ik mee wilde komen. Toen ze eindelijk begreep
dat het niet zou werken, vertrok ze. We hebben met zijn allen erg
zitten lachen om hoe wanhopig ze me probeerde mee te krijgen, wat mijn
zelfvertrouwen een goede boost gaf. Hierna ging ik naar het hostel om
mijn roes uit te slapen.
De volgende dag, wonderbaarlijk genoeg zonder kater, haalde Annico me
rond een uur of 12 op. Ik kreeg een tour door de stad, stuurde een
kaart naar mijn zusje en liepen naar het treinstation om een 'Balkan-
Flexipass' te kopen. Hiermee kon ik voor 50 euro 5 dagen in een maand
de trein gebruiken, wat later een erg goede deal bleek te zijn. De
Pass is te gebruiken in Romenie, Bulgarije, Turkije, Griekenland,
Macedonie, Montenegro en Servie. Mijn trein naar Bukarest zou om 7 uur
vertrekken, en de volgende dag vroeg in de morgen aankomen.
De volgende keer vertel ik jullie wat ik meemaakte in Bukarest, en
geloof me, dat is zeker het lezen waard!
Adios!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
Turkije en Polen, 2e keer.
Nadat Paul op de 9e van april terug naar Nederland vertrok, pakte ik
de metro terug richting Taksim square. Vanaf de laatste halte was het
nog een klein uurtje lopen, en heb me tijdens de tocht heerlijk
vermaakt met het uitzicht, muziek en mensen onderweg. Toen ik terug
kwam in het hostel, had ik besloten dat het tijd werd voor een nieuwe
camera. Ik vroeg de host of hij een paar winkels wist waar ik mijn
aankoop het beste kon doen. Ik kreeg een kaart met daarop de winkels
aangekruist, en gewapend met mijn pinpas en de kaart ging ik op pad.
Ik was specifiek op zoek naar een Panasonic, aangezien deze mij tot
dusver erg goed van dienst was geweest.
Ik kwam op een gegevenmoment bij een franse winkel, waar ze keuze
hadden uit een ruim assortiment camera's. Ik werd erg goed geholpen
door een medewerker, die mij een gratis geheugenkaart én beschermhoes
aanbood bij de Panasonic DMC-F3. Voor 169 euro was hij van mij, en de
beste deal die ik was tegengekomen. Ik bedankte de medewerker, liep
naar de pinautomaat en cashte mijn geld. Terug naar de winkel, waar ik
mijn nieuwe schatje kocht. Boven op de extra's die ik al gekregen had,
kreeg ik een bon, waarmee ik op het vliegveld de betaalde belasting
weer terug kon krijgen. Dit geldt voor aankopen boven de 150 TL, en
met mijn 340 zat ik daar dus ruim boven. En alsof mijn geluk niet op
kon, zo kwam ik er later achter, ha de cassiere me 50TL teveel terug
gegeven!
Terug in het hostel showde ik trots mijn camera aan de host, met wie
ik inmiddels al erg goede vrienden was geworden. Op dat moment kwam er
een Groep van 5 duitsers binnen gelopen, met wie ik aan de praat
raakte. Vriendelijke gasten, ze vroegen me mee naar de Burgerking, en
daarna naar een kroeg. We hebben het die avond erg naar ons zin gehad.
De volgende paar dagen bracht ik in het hostel door. Ik had Istanbul
al gezien, en was niet van plan veel geld uit te geven aan vervoer,
musea en eten en drinken. Ik bracht mijn tijd voornamelijk met mijn
Ipod en de duitsers door, en heb me erg goed vermaakt. Op de 12e van
april moest ik naar de ambassade van Iran in Istanbul, om (eindelijk)
mijn visum op te halen. Ze waren open van 8:30 tot 11:30, en ik stond
om 8:20 samen met de duitse Johanna klaar om mijn visum te innen. Na
een uurtje wachten ging het toeristenloket eindelijk open, en ik mocht
mijn aanvraag verder indienen. Daarvoor had ik een kleurenkopie van
mijn paspoort nodig, en aangezien ze geen kopieerapparaat hadden,
moest ik op zoek naar een kopieshop. Alright, Johanna en ik hadden een
sub-objective. Een klein half uurtje later kwam ik terug bij de
ambassade mét kopie van mijn paspoort. Maar helaas, ik moest 2 foto's
inleveren. Damn, weer op pad. Een beetje geagiteerd zei ik tgen de
medewerker dat hij dat ook wel ff had kunnen zeggen toen ik mijn kopie
moest halen, maar gedane zaken nemen geen keer, dus ik ging weer op
pad. Een uurtje later kwam ik terug met de foto's. Met nog een half
uur te gaan was ik ruim op tijd, dacht ik. De medewerker vertelde me
dat de betaling voor het paspoort niet bij de ambassade gedaan kon
worden, en ik naar de bank aan de overkant moest om te betalen. GVD!
(dacht ik!) en ik ging weer op pad. Het duurde precies een half uur,
en toen ik terug kwam waren de deuren gesloten. Erg vervelend,
aangezien de volgende dag mijn vlucht naar Polen om 3:50 in de morgen
zou vertrekken. Gelukkig had ik in de 6x dat ik in en uitgelopen was
een aardige relatie opgebouwd met de beveiliger, en hij liet me weer
binnen.
Daar was eindelijk alles in orde. Kopie, foto's en bonnetje van de
bank, niets kon meer fout gaan. Ik leverde alles inclusief paspoort
in, waarop de medewerker zei dat ik mijn paspoort met visum de
volgende dag na 12:00 kon komen ophalen. Bijna wanhopig legde ik hem
uit dat ik in de ochtend een vlucht had, en voor deze ene keer maakte
hij de uitzondering dat ik hem dezelfde dag na 13:00 kon komen
ophalen. Ik kon de man wel door het 15cm dikke kogelvrije glas kussen,
maar kon me nog net op tijd inhouden.
Johanna, die al die tijd geduldig was blijven wachten, en ik liepen
naar buiten, waar we iets voorbij de ambassade op een trapje van een
universiteit zouden wachten tot 13:00. We zaten er net een
kwartiertje, toen een professor naar buiten liep om een sigaretje te
roken. We raakten met hem aan de praat, en na de peuk vroeg hij of we
misschien zin hadden in een kopje thee. Ik zei tegen Johanna dat dit
de ervaringen waren waarvoor ik op was, en we gingen met hem mee naar
zijn kantoor. Daar hebben we tot 13:00 thee zitten drinken. We
bedankten de professor en liepen terug naar de ambassade. Daar moest
ik me bij de achteringang van het gebouw melden, waarna de beveiliging
een belletje pleegde. Niet lang daarna kwam er een medewerker
aangelopen, met mijn paspoort in zijn handen. Waanzinnig van
blijdschap nam ik mijn paspoort in ontvangst, bedankte de medewerkers
en ging terug naar het hostel. Elke keer als ik naar het Visum keek,
kreeg ik een brede grijns op mijn gezicht. Na al die moeite, 120€ en
alle geduld dat ik had opgebracht had ik hem dan eindelijk! Mijn dag
kon niet meer stuk.
Die avond vertrok ik rond een uur of 10 samen met een zweed uit
hetzelfde hostel richting het vliegveld. We besloten zo vroeg te gaan,
omdat we anders een taxi voor een 5x zo hoge prijs moesten betalen. Op
het vliegveld checkte ik mijn tas in, vroeg of mijn tas automatisch
naar de vervolgvlucht gebracht werd (ik vloog van Istanbul naar
Stuttgart, van daar naar Krakow), en verzilverde de belasting bon die
ik van mijn camera had.
In de duty free zone kocht ik een slof sigaretten voor een tientje, en
toen begon het wachten. Om half 12 zat ik al klaar om te aan, nog 4
uur tot mijn vlucht zou vertrekken. Dat was even balen. Maarja, met
muziek, een colaatje en internet kom je een heel eind.
Mijn vlucht vertrok precies op tijd, waarna ik in een uur of 3 aankwam
in Stuttgart. Daar had ik ook weer veel tijd om handen, en haalde een
gezond ontbijtje bij, jawel, weer de Burgerking. Een uur of 4 later
vertrok mijn vlucht naar Krakow, waar ik in een ruim uur aankwam. Van
het vliegtuig in de bus naar de terminal, en wachten op de bagage. En
wat langer wachten. En nog wat langer. Toen alle tassen 3x voorbij
waren gekomen begon ik me toch een beetje zorgen te maken, en vroeg
een medewerker of er nog meer aankwam. Helaas, zei hij denk ik in het
Pools, en wees op het 'lost bagage' kantoor in dezelfde ruimte. Damn!
Ik liep het kantoor in, en vroeg de medewerker of hij me kon vertellen
waar mijn tas gebleven was. Hij voerde de code van mijn ticket in, en
kon me vertellen dat deze nog in Stuttgart stond. Hoera.. (lees:
usarcasme) Ik vroeg hem wanneer ik mijn tas terug kon krijgen, en hij
zei dat deze naar mijn verblijf adres gestuurd zou worden. Daarvoor
moest ik Agatka bellen, maar helaas zat mijn telefoon in mijn tas, in
Stuttgart. Na haar achternaam door een online telefoonboek gehaald te
hebben, en na het zien van 75 resultaten de moed hadden opgegeven,
bedacht ik me dat ik haar adres misschien via mijn online factuur van
T-mobile kon vinden. En gelukkig was dat zo; hij belde Agatka en nam
het adres over. Dezelfde avond zou mijn tas teruggebracht worden,
aldus de medewerker. Ik bedankte hem, en liep de bagage zone uit.
Net buiten de deur stond Agatka op me te wachten, en stinkend, met
vieze kleren en baard groette ik haar. We hebben buiten eerst een tijd
zitten kletsen, waarna we via de supermarkt voor scheerschuim,
scheermesjes en deo naar haar huis reden. Daar had ze gelukkig nog een
paar sokken die ik de vorige keer was vergeten liggen, dus waren die
in ieder geval schoon. Na een douche en scheersessie gingen we de stad
in om wat te drinken.
Toen we die avond terug kwamen, kwam tegelijk mijn tas; en dol vam
blijdschap nam ik hem in ontvangst. Ik bedankte de koerier, en liep
met Agatka naar binnen.
De daaropvolgende dagen vlogen voorbij. Verschillende keren moest ze
naar school, terwijl ik mijn tijd in de stad of elders doorbracht. Een
van de dagen dat ze naar school moest, ben ik naar een zout-mijn
gegaan. Alles wat je daar ziet, op steunbalken na, is van zout gemaakt
of uitgekarft. Beelden, landschappen en zelfs kerken waren er te
vinden. Veel mijnwerkers spendeerden na hun shift hun vrije tijd aan
het creeren van deze meesterwerken. Erg indrukwekkend en zeker de
moeite waard om een bezoek te brengen, mocht iemand van jullie er ooit
in de buurt zijn.
Na 8 dagen bij Agatka te hebben doorgebracht, waarin we verschillende
keren de stad in gingen voor een drankje, boswandelingen maakten of
lekker thuis relaxten, nam ik de bus naar Budapest, in Hongarije, waar
ik jullie de volgende keer verslag van zal doen.
Groetjes!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
vrijdag 30 april 2010
De rondreis in Turkije...
We hadden een Hyundai Matrix gehuurd, een 2008 model met ruime
kofferbak en airco. Voor 300€ hadden we hem 6 dagen onder onze kont,
we dachten dat hij ons goed zou doen tijdens onze reis via de west-
kust naar Antalya. De verhuurder vertelde ons dat als we een ongeluk
zouden krijgen, of aangehouden zouden worden door de politie, we
moesten zeggen dat het een 'friends-car' was, dat was hem wat beter
(goedkoper) uitgekomen toen hij de verzekering afsloot.
De eerste dag haalden we de auto om half 10 's ochtends op in
Istanbul, waarna we west richting Gelibolu reden. Daniel en Brooke
wilden daar graag naartoe, omdat daar tijdens de 1e wereldoorlog veel
Australiers gesneuveld waren. We kwamen daar aan, en zagen
verschillende massa graven van de gesneuvelde soldaten. Sommige
anoniem, vele met naam, toenaam en persoonlijk bericht van de
achtergebleven familie leden. Heel indrukwekkend, en een tragische
indruk werd op ons achtergelaten.
Hierna reden we naar Eceabat, om vanaf daar de ferry naar Çanakkale te
nemen. Daar stopten we bij een supermarkt om eten en drinken voor de
avond en de dag erna in te slaan. We besloten om niet ver daarna
ergens een kamp op te slaan, en op een willekeurig punt sloeg ik (ik
reed) de snelweg af. Hiena reden we een soort bospad in, dat na
ongeveer 300 meter uitkwam op een veldje met een prachtig uitzicht op
de laatste punt van westerlijk Turkije en de Middellandse zee. Verder
was het heerlijk weer, en terwijl we met zijn allen naast elkaar naar
het uitzicht zaten te kijken konden we genieten van een ondergaande
zon, die de lucht veranderde in een regenboog van kleuren.
We maakten die avond een kampvuurtje, waar we pasta op kookten om
samen met een tonijnsalade als avonmaal te eten. Hierna gebruikten we
het kampvuur om thee te maken, en ons warm te houden. Aangezien we op
een soort klif zaten was er af en toe een behoorlijk koude wind, en
het kampvuur hield ons dus lekker warm.
Brooke en Daniel sliepen die nacht buiten, Paul en ik sliepen in de
auto. Paul was zijn slaapzak vergeten mee te nemen, dus hij had alle
kleding die hij meehad aangetrokken, plus wat kleding dat ik hem
gegeven had. Ik lag zelf in mijn slaapzak, en verging al van de kou.
Ik had het dus erg met Paul te doen.
De volgende dag reden we via Troia naar Ephesus. In Troia, beter
bekend als Troje, gingen we het museum van de oude stad binnen. Er was
nog vrij weinig over van Troje, en het meeste moest door je fantasie
gevormd worden. Maar al met al was het interressant om er rond te lopen.
Na Troje reden we door naar Ephesus, waar het huis van Maria staat, en
de 'Cave of the seven sleepers' is. We kwamen er rond half 10 's
avonds aan, en we moesten nog een plek hebben om te slapen. Bij toeval
reden we de parkeerplaats van de Cave op, en besloten daar in een
soort bar/lounge te vragen of ze ergens een goedkope plaats wisten
voor ons om te slapen. Direct kregen we het aanbod om op de kussens in
de lounge onze slaapzakken uit te rollen, en dankbaar namen we het
aanbod aan. We dronken nog een paar kopjes çai met de eigenaar van de
lounge, waarna we heerlijk warm en comfortabel geslapen hadden.
De volgende dag namen we een kijkje in de Cave, wat niet al te boeiend
was. De legende gaat dat er zeven jonge mannen in de grot werden
gemetseld, omdat ze aanhangers waren van het christelijk geloof. Een
paar honderd jaar later opende een boer de grot, en de zeven jonge
mannen werden wakker alsof ze maar een nacht geslapen hadden.
Toen we terug kwamen bij de auto, bleek deze een lekke band te hebben.
Balen, maar gelukkig wisten we hoe we een band moesten verwisselen.
Maar helaas, ook het reservewiel had een lekke band. Er zat dus niets
anders op dan naar een garage rijden en de banden te laten
verwisselen. We kwamen niet veel later een garage tegen, waar we voor
200 TL, 100€, de banden lieten repareren. Blij, met volle banden en
vol goede moed reden we naar het huis van Maria.
Bij het huis aangekomen, kwamen we er achter dat een toegangskaartje
30 TL kostte, wat Paul, Daniel en ik teveel geld vonden. Brooke kocht
daarintegen wel een kaartje, en terwijl wij de auto op de
parkeerplaats parkeerden ging Brooke naar binnen. Paul, Daniel en ik
liepen vanaf de parkeerplaats het bos in, en na een kleine omweg
kwamen we bij toeval in het terrein van het huis van Maria. We
besloten toch een kijkje te nemen, en konden zo langs de bewaking
verder lopen. Na het bezoek waren we blij dat we er geen 30TL voor
betaald hadden, want het was niets meer dan een simpel huisje met
winkeltjes er omheen.
We liepen terug naar de auto, waar we Brooke weer tegen kwamen. We
pakten de auto, en reden verder naar Marmaris, waar ik graag naartoe
wilde omdat ik daar herinneringen had van een vakantie 9 jaar geleden.
Na een paar uur gereden te hebben kwamen we aan in Marmaris, waar ik
op zoek ging naar het resort waar ik 9 jaar geleden met mijn ouders en
zusje verbleef. Op een een of andere manier reed ik direct goed, en
herkende de laatste paar honderd meter naar het resort.
Daar stapten we uit, en liepen het resort binnen. Er was veel verbouwd
sinds ik er geweest was, maar de gebouwen en appartementen waren
globaal nog hetzelfde. Ik liep samen met Paul, Daniel en Brooke naar
het appartement waar ik eerder geweest was, terwijl ik ze over mijn
verblijf daar vertelde.
Na een uurtje liepen we terug naar de auto, reden naar de mac waar we
een Dubbele McKöfteburger aten. Een mooie mix van Turkije met
Amerikaanse invloeden. We liepen de supermarkt ernaast in om nog wat
boodschappen voor onderweg te kopen, en we vertrokken weer. We reden
verder naar Fethiye, waar we rond 10 uur 's avonds aankwamen. We
besloten daar voor 90 TL een 4 persoons hotelkamer te boeken,
aangezien we verwend waren door de nachten ervoor. Nog een klein
feestje gebouwd, waarna we heerlijk in slaap vielen.
De volgende dag, na een ontbijtje gehad te hebben, vertrokken we rond
een uur of 11 richting huisjes die in de grotten gehouwd waren.
Slechts 2 ervan waren toegankelijk met een pad ernaar toe, de rest lag
hoger in de bergwand. Daniel en ik besloten de rest ook te gaan
bekijken, en klommen naar boven. Erg indrukwekkend was de binnenkant
niet; direct na de deur waren er aan elke wand 3 bedden. Meer was er
niet te zien. De buitenkant daarintegen was wel erg mooi; mooi
afgewerkt en erg arbeidsintensief.
Hierna reden we door naar Antalya, wat voor Brooke en Daniel de
uitstaphalte van de Hyundai Matrix was. Rond een uur of 3 kwamen we
aan bij het hotel wat Brooke geboekt had, waar we de auto parkeerden
en onze laatste uurtjes doorbrachten in een lokaal restaurantje.
Na lokale gerechten gegeten te hebben, was het tijd om afscheid te
nemen. We bedankten ze voor de leuke rondreis die we gemaakt hadden,
en ik bedankte Daniel voor zijn gezelschap dat ik van hem gehad had
sinds ik hem in Sarajevo tegen gekomen was. Klein traantje, zwaaien en
we gingen weer.
Paul en ik besloten om zo snel mogenlijk weer naar Istanbul te rijden.
De zelfde avond reden we nog een kilometer of 200, waarna we in Burdur
voor 25€ een hotelletje boekten. We sliepen vroeg en lekker, en de
volgende dag begonnen we fris en vol goede moed aan de laatste etappe
van onze rondreis.
Deze ging erg voorspoedig. Maar helaas, het geluk was op. We kwamen
aan bij een van de buiten ringen van Istanbul, waar een file stond tot
zo ver we konden zien. En dat voor ruim 2 uur. Erg intensief rijden,
koppeling, remmen, schakelen en dat een paar honderd keer herhalen.
Erg vervelend. Uit eindelijk kwamen we er achter dat de file
veroorzaakt werd doordat op een van de 2 bruggen een rijbaan
afgesloten was, en een 8 baans rijweg zich in 2 banen moest persen.
Maarja, de brug was het teken dat we nog een kleine kilometer te gaan
hadden! Dus uitzinnig, blij en opgelaten reden we de brug over. Op de
brug konden we weer een beetje sneller rijden, tot dat de koppeling
plots wel erg stroef ging. Een paar meter verder deed de koppeling het
helemaal niet meer! En vlak daarna viel de motor uit. Met de laatste
beweging die de auto had drukte ik de auto helemaal naar rechts, waar
ik de auto stilzette. Geen beweging meer in te krijgen, zo
concludeerden we nadat Paul de auto probeerde verder te duwen naar de
volgende afrit. We stapteb uit en verschansten ons achter de vangrail,
waar we contact op namen met de verhuurder van de auto.
Na een uur of 2 gewacht te hebben, kwam de verhuurder met een collega
aangelopen. Eerst dachten ze dat de accu misschien leeg was (idioten,
want het licht, de radio en de meters werkten allemaal), waarna ze
probeerden te schakelen. Met brute kracht kregen ze de koppeling
ingetrapt, waarna ze de auto in zijn achteruit probeerden te rammen.
Hierdoor schoot er een onderdeel onder de auto vandaan, wat later erg
duur bleek te zijn.
Ze kwamen er eindelijk achter dat de auto niet uit zichzelf de snelweg
zou verlaten, en ze belden een sleepbedrijf. Deze kwam een half uurtje
later aan, die de auto als een aanhanger achter de vrachtwagen hing en
de laatste kilometer naar de garage reed. Daar haalden we onze spullen
uit de auto, en liepen terug naar het kantoor van de heren-
verhuurders. We vroegen wat er nu zou gebeuren, en of ik mijn
paspoort, die ze als borg hadden, terug mocht. Ze zeiden dat we de dag
erna terug moesten komen, en het rapport van de garage moesten
afwachten.
Paul en ik liepen terug naar het Soho-hostel, waar we begin april
verbleven. Daar boekten we een bed, waar we uitgeput in slaap vielen.
De volgende dag gingen we vroeg terug naar het verhuurbedrijf, waar we
met de verhuurder om de tafel gingen zitten. Hij vertelde dat de
totale schade aan de auto 1300 (!) TL was, zo'n 650 €. En hij hield
ons verantwoordelijk voor de schade, en verwachtte dat wij de kosten
zouden dekken. Ik vertelde hem dat we niets vreemds met de auto gedaan
hadden, en we er niet voor zouden betalen, waarop hij zei dat ik mijn
paspoort niet terug zou krijgen.
In reactie, gedurft, gebluft maar het wierp zijn vruchten af, zei ik
hem dat ik dan naar de politie en ambassade zou stappen. Hij trok wit
weg, en zei, na overleg met zijn collega, dat het voor 500 TL
gesettled kon worden. Ik schatte de situati in, en bood hem 200 TL
aan, wat mij de moeite van de politie en ambassade waard was. Na een
paar boze blikken en nog wat overleg accepteerde hij, waarop ik een
contract schreef waarin ik de hele situatie bescheef, én dat wij hem
niets meer schuldig waren. Ik kreeg mijn paspoort terug, hij zijn 200
TL, en ondertekende het contract. Zo, dat was afgehandeld.
Paul en ik liepen terug naar Taksim Square, terwijl we onderweg
constateerden dat deze ervaring onze vriendschap sterker dan ooit en
voor de rest van ons leven gemaakt had. Samen gingen we naar Ataturk
airport, waaar we onder het genot van een colaatje nog een keer over
de ervaringen praatten. Lachend en tevreden nen we afscheid van
elkaar, zwaaiden tot we elkaar niet meer konden zien, en ik liep terug
naar de metro. Beseffend dat ik weer, na ruim 4 weken, weer alleen op
reis was.
Tot snel allemaal, ik mis jullie.
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
donderdag 15 april 2010
Turkije
Vanuit Thessaloniki in Griekenland hadden we de bus in de nacht van 31
maart op 1 april. De busreis duurde totaal een uur of 9, inclusie
grenscontrole. Bij de grens moesten Daniel en ik een visum halen,
waardoor de hele bus op ons moest wachten. Maarja, ze zaten in een
luxe bus, dus mochten niet klagen.
De bus had een steward, die om de zoveel uur langskwam met thee,
koffie, cola en koekjes. Verder was elke stoel uitgerust met zijn
eigen televisie, met 9 kanalen waaronder een filmkanaal, sportkanaal
en verschillende turkse zenders. Tijdens de reis hebben we ons
vermaakt met films als National treasure 2, The mummy 3 en een turkse
film. Vrijwel niet geslapen onderweg, aangezien we midden in de nacht
aankwamen bij de grens.
Rond een uur of 7 's ochtends kwamen we aan in Istanbul. Op het
busstation waren Daniel en op zoek naar vervoer naar Taksim Square,
waar ons hostel vlakbij gesitueerd was. We kregen het aanbod van een
taxichauffeur dat hij ons voor 30 Turkse Lira zou brengen, waar Daniel
op in wilde gaan. Ik vertelde Daniel dat ze hier toeristen graag
oplichten, en we op zoek moesten gaan naar eem bus. We liepen verder,
en de chauffeur halveerde vrijwel direct zijn prijs. Helaas, was hij
daarmee begonnen was er een grote kans dat we het aannamen, maar omdat
hij ons probeerde op te lichten liepen we door.
Uiteindelijk vonden we een bus, die ons voor 1,5 TL per persoon naar
Taksim bracht.
Op Taksim maakte ik een foto van een van de gebouwen, en stopte mijn
camera in mijn rechter broekzak. Ik liep een kleine honderd meter
verder, en stond versteld van het aantal mensen die op het plein
liepen, en wilde nog eem foto nemen. Maar.. Helaas, geen camera meer
in mijn rechter broekzak. Ook niet in de linker, mijn jas of rugzak.
Damn, mijn camera was gejat. Zonder dat ik iets doorhad, en binnen
honderd meter. En zoals altijd, als een camera wordt gejat, gaat het
niet om het apparaat maar de foto's die erop stonden. Zwaar klote dus.
Maarja, mijn reisverzekering zou de waarde van mijn camera vergoeden,
ik moet alleen een aangifte van de politie hebben. Ik besloot dat
later te doen, aangezien ik erg moe, vies en boos was. We liepen naar
het hostel, boekten 10 nachteb; 3 voor Daniel en mij, 2 voor Paul, een
vriend van me uit holland die ons gezelschap zou houden en 2 voor de
vriendin van Daniel, Brooke. Ze zouden allebij de dag erna aankomen,
Brooke in de middag, Paul in de avond.
Daniel ging Brooke de volgende dag ophalen van Atatürk airport, ik
ging naar het politiebureau om aangifte te doen van de diefstal. Daar
aangekomen vertelde een van de agenten dat ik een vertaler nodig had,
en dat ik zonder geen aangifte kan doen. Ik liep terug naar het
hostel, om daar te vragen of de host me wilde helpen. Hij wilde me
maar al te graag helpen, maar hij kon niet weg uit het hostel, omdat
hij de enige was die aan het werk was. Helaas, dan maar een andere
keer. Die avond kwam Paul, rond half 12 was hij op Taksim Square. Het
was een wonder dat we elkaar troffen, er liepen zo'n 50000 mensen op
het plein en de straatjes er omheen. Gelukkig herkende Paul me aan
mijn groene 'Wesc' headphones, en vond hij me toen ik op weg was naar
Taksim. We liepen terug naar het hostel, waar we zijn spullen dropten.
Hierna gaven we het nog een kans bij het politiebureau, ik kon geen
vertaler vinden voor de aangifte, en hoopte dat ze het toch zouden
accepteren. Maar helaas, na 3 uur wachten gaven we het op en gingen
terug naar het hostel.
De volgende dag gingen Daniel en Brooke hun eigen weg. Paul en ik
verkenden het oudste gedeelte van de stad, met de meest indrukwekkende
moskeen en gebouwen. We hadden de missie om die dag uit te zoeken waar
we het beste een auto konden huren, en in een internetcafe struinden
we het internet door opzoek naar een car-rental. We cantacteerden
verschillende bedrijven, maar geen van alle had een auto die we wilden
huren (een suzuki jeep) of een engels sprekende medewerker
beschikbaar. Onverrichte zaken gingen we die avond terug naar het
hostel. Daar kregen we de tip om op Taksim square te kijken, er waren
ongeveer een dozijn car-rentals en we zouden daar zeker een auto
kunnen vinden.
Na ongeveer een half uur gezocht te hebben, hadden we vrijwel alle
verhuurbedrijven gehad. Geen van hen hadden jeeps beschikbaar of in
hun assortiment. Uiteindelijk vonden we een verhuurbedrijf dat voor
een redelijke prijs een hyundai Matrix beschikbaar hadden, en voor een
totale prijs van 300€ huurden we de auto voor 6 dagen. We zouden hem
de dag erna om half 10 's ochtends ophalen, en tevreden en trots
gingen we terug naar het hostel. Daar rookten we een waterpijp met
aardbeientabak, en wachtten op Daniel en Brooke om ze et blijde nieuws
te vertellen.
De volgende keer: een reis met mooie sights en tegenslagen!
Groetjes van de andere wereldkant!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
woensdag 14 april 2010
Griekenland
We waren dus in Sarande, en vertrokken om 7 uur 's avonds richting
Griekenland. We hadden voor 10 euro een kaartje naar Ionina gekocht,
om vanaf daar een buskaartje naar Thessaloniki te kopen. De busreis
naar Ionina zou (exclusief grenscontrole) 2 uur duren. 3,5 (!) uur
later reden we bij Ionina. Door Ionina. Voorbij Ionina. Daniel en ik
wisten dan de bus naar Athene ging, wat ons wel een mooie omweg leek.
We hielden onze mond dus dicht, en vielen in slaap.
Een uur of 6 later werden we weer wakker, in Athene, en speelden de
verbaasde toerist. We zeiden tegen de busschauffeur dat we naar Ionina
moesten, in de hoop dat we een tegoedbon zouden krijgen voor een
buskaartje naar Ionina. Helaas. De busschauffeur brabbelde wat
Albanees en liet ons achter. Verbaasd, en een beetje boos keken we hoe
de bus uit het zicht verdween. Het was 5 uur in de ochtend, en we
waren beiden gesloopt. We vroegen aan een reisgenoot, die in dezelfde
bus zat, of ze ergens een hostel wist te vinden. Ze wees in een
algemene richting, en we besloten dat we wel zouden zien waar we
uitkwamen.
Onderweg, gewapend met 2 ipods, gingen we op zoek naar WiFi spots om
online een hostel te vinden. Gelukkig is Griekenland deel van de EU,
wat betekend dat er hier en dar WiFi spots te vinden waren. We zochten
het goedkoopste hostel, downloadden de kaart van Athene, en maakten
onze weg door de concrete jungle.
Aangekomen bij het hostel, 6 uur 's ochtends, boekten we een bed voor
een nacht en deden een dutje. Rond een uur, half twee werd ik weer
wakker, en zag dat Daniels bed leeg was. Ik nam aan dat hij de stad
was aan verkennen, en ik besloot hetzelfde te doen. Ik liep door
Athene in een straal van een paar honderd meter van het hostel.
Scoorde wat stukken kip bij Kentucky en liep terug naar het hostel.
Daar onderhield ik sociale contacten met het thuisfront, en wachtte op
Daniel. Die avond scoorden we wat biertjes in een supermarkt, en
gingen rond een uur of 12 knock-out.
De volgende dag scoorden we een buskaartje naar Thessaloniki, wat ons
een 45 euro kostte. Aan de prijs, maar een nachtbus, wat betekende dat
we geen bed hoefden te betalen. We liepen verder Athene in, richting
het 'Acropolis', een oude ruine op een berg midden in de stad. Daar
aangekomen bleek dat alles om half drie 's middags al sloot, en we
stonden dus voor een gesloten hek.
We liepen wat langs het hek om het Acropolis, en besloten illegaal
toch een kijkje te nemen. Met een elegante zwaai stonden we aan de
andere kant van het hek, en liepen heel voorzichtig over het terrein.
Onderweg hoorden we plots iets ritselen in de struiken, en we bleven
doodstil staan. Langzaam maar zeker verscheen Toon Schildpad, met een
afmeting van ongeveer 40 centimeter. Daniel pakte hem op, en ik maakte
wat foto's, waarna we onze vriend weer voorzichtig terug zetten.
We liepen verder, en via struiken liepen we naar de ingang van de
ruine. Helaas, zoals we verwachtten was het met nog een onbeklimbaar
hek afgesloten, en we namen tussen de spijlen door wat foto's. Hierna
liepen we terug naar het hek, maar onderweg werden we door een
beveiliger ontdekt. Daniel zette het op een lopen, en ik besloot de
confrontatie aan te gaan. Als de domme toerist vroeg ik hem waar de
uitgang was, en zei dat ik daar al een uur naar opzoek was. Hij moest
lachen, en begeleidde me vriendelijk naar de uitgang. Hij schudde mijn
hand, en zei dat ik de volgende keer beter op tijd kon komen. Lachend
schudde ik zijn hand, en verliet het terrein.
Buiten kwam ik Daniel weer tegen, en vol adrenaline liepen we verder
door Athene. We liepen langs het Agora, een oude Griekse bibliotheek,
en hongerig naar meer avontuur besloten we ook over dat hek te
springen. Beschut door struiken en bomen liepen we naar het gebouw,
waar we wat foto's maakten. We wilden graag de andere kant van het
gebouw zien, maar aan de zijkanten zaten beveiligers. We wilden in een
grote boog om ze heen lopen, maar plots hield de grond op, en keken we
ruim 15 meter nar beneden. Daar liep een vrouw, die ons zag en direct
haar telefoon pakte. Daniel en ik namen het zekere voor het onzekere
en zette het samen op een lopen terug naar de plek waar we over het
hek geklommen waren. Terwijl we renden, werden we achtervolgd door een
van de beveiligers, die naar ons schreeuwden. We schreeuwden 'We're
sorry!' en 'We're going now!' terug, en omdat de beveiliger aan de
forse kant was kon hij ons niet bijhouden. We sprongen weer over het
hek, en hielden een snelle pas terug de stad in. Trots op onszelf en
bezweet van het rennen gingen we in een steegje zitten en dronken wat
water dat we bij ons hadden.
We liepen via een bazaar verder naar een soort pleintje, waar 2
marktkraampjes fruit verkochten. Voor 2 euro kochten we een kilo
aardbeien, en schransten die in de volle zon naar binnen. We liepen
rond een uur of acht terug naar het hostel, om met onze tassen naar de
bus te lopen.
De bus vertrok rond een uur of 10 's avonds van een busstation, en we
speelden wat kaartspelletjes terwijl onze ipods werden opgeladen in de
wachtuimte van het busstation. We hadden luxe plaatsen gekregen van de
busmaatschappij, boven in de dubbeldekker-bus achter de trap. Gelukkig
was mijn stoel kapot, waardoor deze verder naar achter dan normaal
vast zat.
Het was een kleine 9 uur rijden naar Thessaloniki, en om zeven uur 's
ochtends kwamen we aan. We besloten een dag daar door te brengen, en
dezelfde avond een bus naar Istanbul te nemen. We hadden onderweg een
vrouw leren kennen die een tweedehands kledingwinkel had. We kregen
het adres van de winkel voor als we ergens hulp bij nodig hadden, en
ze vertelden ons dat we een bepaald broodje moesten proberen.
Daniel en ik liepen naar een bakkerszaak, kochtennde broodjes en
liepen verder naar de zee. Daar gingen we op een klif zitten, aten het
broodje en genoten van het uitzicht. Daarna maakten we een tour door
Thessaloniki, kochten voor 35 euro een buskaartje naar Istanbul, en
besloten de vrouw van de bus een bezoekje te brengen.
Daar brachten we de rest van de dag door, dronken koffie, spraken over
reizen en gebruikten het internet. Ze vertelde ons over een goedkoop
restaurantje, en we gingen daar een dineetje halen. Goedkoop, lekker
en in een gezellig pandje aten we ons avondeten. Hierna gingen we naar
de bus, waar ik jullie de volgende keer over zal vertellen!
Groeten van mij (en Daniel)!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
Albanië
We deelden dus een taxi met een vrouw die we in de bushalte waren
tegen gekomen naar Sveti Naum, wat aan de grens van Albanië lag.
Ongeveer 200 meter voor de grens werden we gedropt, en liepen het
laatste deel nar de grens.
Daar werden we verwelkomt door de grenswachten, die nog nooit een
australisch en een hollands paspoort hadden gezien. Na een paar
minuten gesproken te hebben met de grenswachters liepen we door
niemandsland naar de Albanese grens. De weg lag bovenop een soort
klif, die ongeveer 40 meter hoog was, met uitzicht op het meer waar we
de nacht ervoor hadden geslapen. Aan de overkant zagen we bergen, met
hier en daar een dorpje tegen de helling opgebouwd. Links keken we
Albanie binnen, rechts zagen we het bergachtige landschap van
Macedonie. Met de zon vol in ons gezicht, rugzak op en een grote smile
liepen we verder naar de Albaneese grens.
Daar werden we op een soortgelijke manier ontvangen als bij de grens
van Macedonië, ook zij waren groen als gras op het gebied van onze
paspoorten. Kort in gebarentaal gesproken, vaarwel gewenst en we
liepen Albanië binnen.
In Albanië begon mijn verblijf niet zo goed. Er was een wereldwijde
storing bij Maestro, en mijn bankkaart was niet bruikbaar, zo hoorde
ik van mijn pa na ongeveer alle verschillende banken geprobeerd te
hebben. Gelukkig reisde ik met Daniel, en kon ik van hem wat geld
lenen tot mijn kaart het weer zou doen.
Maargoed, we waren net over de grens gekomen, en hadden nog wat Dinars
over. We konden gelukkig nog de Dinars die we hadden uitgeven in een
lokaal winkeltje, en bepakt en bezakt met snoepgoed, cola en
chocoladerepen vergvolgden we onze weg naar Tirana. We liepen het
winkeltje uit, en er stond een busje die net wilde vertrekken. We
hadden geen idee waar die naar toe ging, maar besloten in te stappen
en we zouden wel zien waar we eindigden.
Het bleek een goede keuze te zijn; we kwamen van het dorpje in een
klein stadje, waar volgens de chauffeur een 'autoboes Tierana' was. We
ontcijferden dat we de weg moesten volgen, links moesten afslaan, en
een kleine 100 meter verder weer links moesten gaan.
Helaas, we bleken niet zo goed in gebarentaal als we dachten. We
liepen door het stadje, Pogradec, en we trokken behoorlijk wat
aandacht. Het duurde niet lang voordat we een hele horde kinderen
achter ons aan hadden lopen, die ons verschillende (scheld) woorden in
het Albanees wilden laten uitspreken. We vroegen de kids naar
'Autoboes Tierana', en gelukkig wilden ze ons maar al te graag helpen.
Nadat onze gidsen ons naar het busstation hadden gebracht, vroegen we
op het station naar de bus naar Tirana. Precies op dat moment kwam er
een zelfde busje als waarmee we van de grens naar Pogradec reden
aangereden. Luidkeels schreeuwde de chauffeur 'Tirana!!!' en we
stapten bij hem in. Daniel had geld gewisseld bij een van de banken
waar ik probeerde te pinnen, en voor 500 Lech hadden we een rit naar
Tirana te pakken.
In de bus ontmoetten we een meid, 23 jaar en uit Tirana. Ze sprak heel
gebrekkig engels, wat goed uit kwam omdat Daniel en ik het er net over
hadden hoe 'damn good looking' ze was. Ze sprak wel genoeg engels om
een gesprek met haar te voeren, en als we langzaam en ook met
gebrekkig engels praatten kon ze ons ook verstaan.
In Tirana hielp ze ons op weg naar een internetcafe, omdat we nog op
zoek moesten naar een slaapplek. Hierna dronken we een kop koffie in
een cafeetje, waarna we door haar naar het hostel geleid werden. We
bedankten haar, namen afscheid en richtten onze kamer in.
Het hostel was redelijk duur, een 12,50 € per nacht. Wat ons opviel,
is dat het in heel Tirana behoorlijk duur was, voor een Balkan-land
dan. Alsnog voor onze standaard redelijk goedkoop, maar ongewoon voor
de Balkan en het salaris wat mensen in Albanie verienen.
Daniel en ik besloten 2 nachten in Tirana door te brengen. We lieten
onze spullen achter en maakten een tour door Tirana. Tirana is een
gigantisch drukke stad. Overal liepen, zaten, lagen en reden mensen.
Daniel en ik hadden een soort broodje gevult met kaas gekocht, waar de
smaak een beetje van tegenviel. Ik vond het dat ook niet erg toen een
klein straatjochie van een jaar of 11 het broodje bijna uit mijn hand
griste. Uit reactie gaf ik hem het overgebleven stuk brood, waarna we
door meerdere kinderen achtervolgd en platgebedeld werden. Gelukkig
gaven ze het snel daarna op.
Daniel en ik liepen over de main-boulevard naar het busstation om uit
te zoeken hoe we verder zuid konden reizen. We hadden van de host in
het hostel gehoord dat het treinnetwerk erg slecht was in Albanie, wat
het des te interressanter maakte. Helaas was er geen treinverbinding
met Tirana, althans, geen goede rails. Ze adviseerden ons de bus naar
Durres te nemen, waarna we wel een trein konden nemen. Dat zouden we
later overwegen.
We gingen terug naar het hostel, en ik besloot na een welverdiende
douche te gaan slapen. De volgende dag was het weer, net als de dag
ervoor, prachtig. In de voortuin van het hostel hadden ze een hangmat
opgehangen, waar ik vrijwel de hele dag in heb gelegen. Slapend,
muziek-luisterend en bier-drinkend spendeerde ik daar een hoop
uurtjes. Daniel was de stad gaan verkennen, en zou later die avond
terug komen. Rond een uur of 5 begon ik met het uploaden van 1100
foto's of facebook (zie links in een eerdere post), wat me ruim 6 uur
gekost heeft. Maar toen ik eenmaal klaar was, had ik wel een voldaan
gevoel. Die avond haalden Daniel en ik weer wat te eten in de stad,
waarna we het in een parkje naar binnen werkte. Ik maakte wat foto's
van Daniel terwijl hij zat te eten, wat hilarische kliekjes opleverde.
Na helemaal dubbel gelegen en door het park gerold te hebben van het
lachen gingen we terug naar het hostel.
De volgende dag namen we de bus naar Durres, waarna we de trein naar
Vlore zouden nemen. De trein zou om 4 uur 's middags vertrekken, en we
hadden een uur of 3 om de stad te verkennen. Daniel en ik liepen langs
het spoor, zonder duidelijk doel of missie. We zagen treinstellen die
van de rails gevallen waren, locomotieven die al jaren niet verplaatst
waren en mensen die in zelfgebouwde hutjes langs het spoor woonden. Er
is gigantisch veel armoede in Albanie. Kinderen die met afval spelen,
een lekke voetbal overschieten of met (als spelletje...) met stenen op
elkaar gooiden.
We liepen terug naar het treinstation, waar we voor een euro een
kaartje naar Vlore kochten. We hadden ons al voorbereid op een
afvallige trein, maar waar we instapten was nauwelijks nog een trein
te noemen. Er zaten geen ramen meer in, en de paar ramen die er nog in
zaten waren vrijwel allemaal gebroken. Banken waren kapot, Daniel en
ik legden een paar bankjes op elkaar op toch te kunnen zitten.
De treinrit duurde ongeveer een uur of 3. Onderweg kwamen we er achter
waarom de ramen er allemaal uitlagen; kinderen gooiden stenen door de
ramen de trein in. Gelukkig werden we niet geraakt door de gegooide
stenen, maar regelmatig hoorden we een overgebleven stuk ruit
sneuvelen of een steen hard tegen de trein gegooid worden.
Aangekomen op het station wat we dachten dat Vlore was, kregen we een
onaangename verassing; Lushnje was het laatste station dat
toegankelijk was voor treinen. Met een goede uitdaging voor de boeg en
nog een half uurtje daglicht te gaan gingen we op zoek naar een
busstation. We vroegen verschillende mensen de weg, die helaas geen
Engels of Duits spraken. Gelukkig wezen ze, nadat we 'Autoboes'
zeiden, allemaal dezelfde kant op. De zoveelste man die we de weg
voegen, was zo vriendelijk op ons te begeleiden naar de plek waar de
bussen kwamen.
Dat was maar goed ook, want er was helemaal geen busstation. Het was
een 3 wegs kruispunt dat naar Vlore, Tirana en het centrum gingen. Hij
stopte met een bepaald handgebaar een busje, dat naar Vlore ging. Als
we het zelf hadden moeten doen, zouden we nu nog in Vlore staan. We
bedankten de man voor zijn hulp, en stapten het busje in.
In het busje leerden we 2 dames en een oude man kennen. De dames
vertaalden het gesprek wat we met de man voerden, en ze vertelde ons
dat de man ons op weg zou helpen naar een hotel in Vlore. Na een uur
of 2 gereden te hebben kwamen we aan in Vlore, waar de man zich aan
zijn woord hield. We liepen een hotel binnen, en voor omgerekend 20 €
huurden we een 2 persoons kamer voor een nacht.
We liepen Vlore in om wat te eten te scoren. We aten een lokale
burger, erg smakelijk, en dranken een home-brewed biertje. Voldaan
besloten we nog verder de stad in te lopen, om op het strand een
wandelingetje te maken. We besloten al vrij snel om weer terug te
gaan, omdat het weer een beetje tegen begon te zitten. We liepen over
de stoep terug naar het hotel, en plots werd Daniel aangereden door 2
gozers op een scooter. Ze stopten direct, verontschuldigden zich een
paar honderd keer, en nodigden ons uit een biertje met ze te gaan
drinken.
Daniel, die niets mankeerde, zei dat het geen probleem was, en we
gingen een discotheel met ze in om een biertje te drinken. Het bleken
erg vriendelijke gasten te zijn, en we hebben een leuk gesprek
gevoerd. Op een gegeven moment was een vrouw, ongeveer 25 jaar oud en
al volgespoten met botox, met een microfoon liedjes aan het preformen.
Ik vond haar niet knap, maar zag dat vrijwel alle kerels kwijlend aan
het toekijken waren. Nadat ze klaar was met haar show, werd er
volksmuziek gespeeld. Vrijwel iedereen liep de dansvloer op, en in een
grote kring deden ze hand in hand een volksdans. Daniel en ik vormden
2 schakels in de ketting, en bestudeerden het voetenwerk van onze
buren. Na een minuut of 10 had ik het aardig onder de knie, en
vermaakte me heerlijk met de volksdans.
Hierna gingen Daniel en ik terug naar het hotel, omdat we 4 uur later
de bus naar Sarande moesten hebben, om via Ionina naar Griekenland te
gaan. We sliepen als een blok, en plots werd ik wakker van een
hyperactieve Daniel die schreeuwde dat de bus over 5 minuten zou
vertrekken. Nog nooit heb ik me zo snel aangekleed, tas ingepakt én
een plasje gepleegd. Buiten konden we nog net de bus tegenhouden, en
nogsteeds uitgeput van de dag ervoor zaten we in de bus naar Sarande.
Rond het middag uur kwamen we aan in Sarande, waar we eerst een
buskaartje naar Ionina in Griekenland kochten, en daarna een tukkie
deden op het strand. We hadden 5 uur om te slapen, de bus zou om 7 uur
vertrekken.
De volgende keer zal ik je vertellen hoe fout, of eigenlijk goed, de
busreis ging!
Groetjes uit de Balkan:)
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
donderdag 1 april 2010
Skopje & Ochrid
Heey allemaal, even een berichtje vooraf; ik heb meerdere posts
geupload, ze staan onder deze post!
Rond vijf uur 's middags kwamen we aan in Skopje, in het centrum van
de stad bij het bus/treinstation. Hier werden we door een horde
taxichauffeurs opgewacht om waar dan maar ook naartoe gebracht te
worden, en natuurlijk voor een rip-off prijs. We besloten dat we het
hostel wel op eigen kracht konden bereiken, en liepen richting de
uitgang van het station.
Buiten vroegen we aan twee studenten hoe we het beste bij het hostel
konden komen, we lieten ze het adres zien en ze zeiden dat het niet
ver van het station was, maar een redelijk ingewikkelde weg om te
lopen. Ze zeiden dat we toch het beste een taxi konden nemen, voor 150
Dinar, zo'n 2,50 in Euro's, konden we volgens hun makkelijk het hostel
bereiken. We vroegen zr of ze voor ons een chauffeur wilden
aanspreken, om er zeker van te zijn dat we niet afgezet zouden worden.
Ze regelden voor ons een taxi, en we werden op de plaats van
bestemming gedropt.
Het hostel was 490 Dinar per nacht, en Daniel en ik hadden van te
voren besloten 2 nachten daar door te brengen. We boekten 2 nachten,
maakten onze bedden op, en besloten die avond te laten voor wat het was.
De volgende dag, na een goede nachtrust, verkenden we de stad. De stad
bestaat uit 2 delen, een voornamelijk moslim- en een orthodox
gedeelte, gescheiden door een rivier. Over de rivier lopen
verschillende bruggen, maar de meest bekende en alleen voor
voetgangers is de 'Stone bridge'. Deze ligt in het midden van het
centrum, en als je op de brug staat zie je aan de ene kant moskeen
opdoemen, en aan de andere kant een stad met een modernere uitstraling.
We besloten het moslim gedeelte van de stad als eerste te bezoeken. We
liepen door de smalle straatjes en bazaartjes, zagen hier en daar
oudere mannen spelletjes spelen, en kregen een echt midden-oosters
gevoel. Heel karakteristiek en vol uitstraling, vrijwel overal waar we
keken en liepen was wel wat te zien.
Na een uur of 6 rondgelopen te hebben, gingen we terug naar het
hostel, waar elke avond (en ochtend!) voor ons gekookt werd. Soep met
brood, maar heerlijk. Na een goed avondmaal gehad te hebben, werd er
door andere gasten van het hostel een flinke voorraad alcohol
tevoorschijn gehaald. Het was de verjaardag van een van hun
reisgenoten, en daar moest op gedronken worden.
Die avond speelden we, met een groep dansers uit de gehele Balkan, het
spelletje 'Who am I?', waarbij elke speler een kaartje met een naam op
zijn voorhoofd dmv gesloten vragen achter de naam moet zien te komen.
Na ruim een uur kwam ik er achter dat de naam op mijn voorhoofd de
naam van de jarige Job was, en rondde toen de avond af.
De volgende dag zouden we een vriend van Daniel, Dragan, in Skopje
treffen. Ze hadden elkaar in Ljubljana leren kennen, en hadden hier
weer afgesproken. We liepen eerst wat rond in de stad, bezochten het
museum van moeder Theresa, die in Skopje geboren was, en bezochten
toen wat vrienden van Dragan in een cafe vlak bij het museum. Hierna
liepen we naar een bierhuis, dat ironisch genoeg in het moslim deel
van de stad lag, om daar nog wat bier te nuttigen voordat onze bus
vertrok.
Een paar bier en uurtjes later, besloten Daniel en ik om nog een extra
nachtje in Skopje te blijven, en die avond een feestje te bouwen in
een snackcafe en disco Mama's. In de vroege uurtjes pakten we een taxi
terug naar het hostel, om de volgende dag naar Ochrid in zuid
Macedonie te vertrekken.
Rond 4 uur 's middags vertrok onze bus, en ruim van te voren waren we
al op het busstation. De reis zou een 3 uur in beslag nemen, en
tijdens de rit besloten we dat we die nacht buiten ergens zouden
doorbrengen.
Eenmaal aangekomen in Ochrid werden we, zodra we de bus uitstapten,
weer overvallen door vele, vele taxichauffeurs. We konden weer overal
voor de laagste prijs naartoe, maar beleefd én geirriteerd sloegen we
elk aanbod af. Op straat word je door iedereen accomodatie aangeboden.
Voor slechts 7 euro pppn had je een eigen appartement, maar Daniel en
ik wilden kosten was kost ons plan voortzetten. Zelfs toen het begon
te regenen, pastten we ons plan om buiten te slapen een beetje aan, en
besloten een afdak te zoeken.
We vonden er een na ongeveer 3 kilometer langs het meer gelopen te
hebben, vonden we een snackbar waar aan de voorkant een afdak aan vast
zat. Perfect! Het was alleen jammer dat het op beton gebouwd was, zo
zouden we die nacht merken. Het ligt niet alleen erg oncomfortabel,
het is ook nog eens koud als de kolere. Van elk uur dat we buiten
lagen sliepen we misschien 10 minuten, en werden telkens wakker van
pijnlijke botten of een koude windvlaag. Maarja, het was een
interressante ervaring.
De volgende ochtend pakten we rond vijf uur onze spullen in. We liepen
terug de stad in, aten onderweg een tonijnsalade-ontbijt, en scoorden
een lekkere kop koffie. We verkenden Ochrid, waar we in iets meer dan
3 uur mee klaar waren. In Ochrid zelf is een ruine van een klooster,
en een gerenoveerd kasteel. Verder is er niet heel veel te beleven.
Rond een uur of elf wilden we de bus naar de grens met Albanie pakken,
maar die zou nog ruim 2 uur op zich laten wachten. In de bushalte zat
nog een vrouw, die toevallig naar dezelfde plaats moest als wij, en ze
stelde voor om samen een taxi te delen, wat goedkoper bleek te zijn
dan een buskaartje. Goede deal dus!
Volgende keer: Albanië!
Rikz
Verstuurd vanaf mijn ipod :)
Pristina
Na de nacht bij onze host Ibo doorgebracht te hebben, kregen we in de
ochtend een heerlijk ontbijt. Gebraden peperworst, soep, zelfgebakken
brood, zelfgemaakte Feta, Tomaten uit eigen tuin en een Kaasmix die
voortreffelijk smaakte. Na het ontbijt bracht hij ons naar de
winkelstraat van het dorp waar hij woonde. Hij regelde voor ons een
lift naar Pristina, en stond er op dat hij betaalde. We bedankten hem
voor zijn gastvrijheid, en al zwaaiend vertrokken we naar Pristina.
Na een kleine 3 kwartier rijden kwamen we in het centrum van Pristina.
We stapten uit, namen onze backpacks en afscheid van de chauffeur, en
gingen op zoek naar een kaart van de stad. Dat ging niet zo makkelijk,
want nergens in de stad is een tourist office. Uiteindelijk vroegen we
aan de poortwachter van het gebouw van de VN, die nog erg actief is in
Kosovo, of we ergens een map konden scoren. Hij stond te praten met
een oudere man, die ons maar al te graag wilde helpen. Hij nam ons mee
naar een boekwinkel, waar we voor ongeveer 6 euro een kaart konden
kopen. Dit vonden we veel te veel geld voor een kaart, en we besloten
in het (enige) Guesthouse te kijken of ze daar een kaart hadden.
We gaven het adres aan onze gids, die ons eerst naar een reisbureau
van een vriend van hem bracht. Daar printte hij een lokaal kaartje van
het guesthouse met de omgeving, en we gingen weer op pad. Een klein
half uurtje en een grote berg verder kwamen we bij het hostel. 10 euro
per persoon per nacht, en dan had je een kamer voor jezelf. We boekten
een nacht, en liepen naar onze kamer om uit te pakken. Het draaien van
een was kostte 3,50, en we besloten zelf met de hand in het bad de was
te doen.
Later die dag gingen we de stad even in. Het is een mooie stad,
Pristina, maar met veel achterstallig onderhoud zoals in de gehele
Balkan. We liepen over de boulevard langs alle winkeltjes, bedelaars
en straatverkopers, en iedereen bekeek ons goed en wilde wat van ons.
Maar arm als backpackers zijn gaven we geen cent uit. We aten een
pizzatje, dronken een colaatje en besloten via de supermarkt terug
naar het hostel te gaan. We kochten ingredienten voor een tonijnsalade
en een fles vodka, en liepen door.
De stad zelf was erg rommelig, druk en vervuild. De mensen zagen er
redelijk vriendelijk uit, maar elk gesprek dat we aangingen met mensen
werd vanaf hun kant snel beeindigd. misschien kwam het doordat ze geen
touristen gewend waren, misschien zat het in hun aard. Hoe dan ook was
het een erg interressante stad. We spraken met de eigenaresse van het
guesthouse, en ze vertelde ons dat de VN samen met de overheid meer
bezig was met het vullen van hun eigen zakken dan het helpen met de
vooruitgang van Kosovo. Maar hoe dan ook was het land beter af met de
aanwezigheid van de VN, dus de meeste mensen negeerden het feit dat
het grootste deel van het geld in de zakken van hoge piefen verdween.
Terug in het hostel maakten we de salade, aten tot we vonden dat we
een goede bodem hadden voor de vodka, en zetten toen koers richting
dronken. In het hostel waren nog een paar amerikaanse dames, twee
backpackers en een vrouw die voor de VN werkte. We spraken wat met ze,
en na mate de avond voller en de fles vodka leger werd, hadden we
steeds meer lol. Maar aan al het goede komt een eind, zo eindigde de
avond, ons bewustzijn en hoofdpijnloze ochtenden.
We dronken veel water, de enige remedie tegen het bonken van je
hersenhelften. We moesten om 12 uur uitgecheckt zijn, en hadden het er
maar moeilijk mee. Om iets over 12 leverden we de sleutel in, en
begaven ons weer richting de binnenstad. Vanaf daar vroegen we de weg
naar het busstation, zodat we met de bus naar Skopje in Macedonie
konden reizen. Onderweg naar het busstation vroegen we de weg nogmaals
aan 2 dames, en ze zeiden dat we met hen konden meelopen.
Op het busstation kwamen we er achter dat we nog anderhalf uur hadden
voordat de bus zou vertrekken, dus we kochten een paar flessen water
en spraken nog wat met de dames die zo vriendelijk waren ons op
sleeptouw naar het busstation te nemen. Na het uitwisselen van
facebook adressen vetrokken de dames een half uur eerder dan wij, en
Daniel en ik wachtten in de volle zon tot de bus vertrok.
In de bus zaten ook twee van de Amerikaanse dames die we in het
Guesthouse in Pristina hadden leren kennen. Dus met goed gezelschap
reisden we in 3 uur naar Skopje in Macedonië. Daar zal je in de
volgende post meer over lezen!
Ciao!
Verstuurd vanaf mijn ipod :)